China Reis: Tai chi in het land van de keizers

4 mei t/m 3 juni 2017

 

Inleiding:

Met dit reisverslag is het mijn bedoeling om de reis door China weer te geven. Aangezien ik geen Neerlandicus ben moet dit schrijven ook niet getoetst worden als zijnde een publiceer baar werk. Gedurende het verwerken van mijn reisnotities worden veel aanvullingen gegeven. Oftewel lezen brengt herinneringen naar boven. Aan deze heb ik wel perk en paal gesteld. Dit om te voorkomen dat het aantal getypte pagina’s te exponentieel stijgt.

In dit verslag is met regelmaat informatie omtrent de verschillende reisdoelen beschreven. De opgezochte informatie is vaak aan de schaarse kant en qua jaartallen zijn de meningen per bron verdeeld. Zodoende a.u.b. een Mea Culpa.

Ik besef dat ondanks deze uitgebreide reis slechts een fractie van de bezienswaardigheden bezocht heb. Diegene die ik onder ogen kreeg waren zeer zeker de moeite waard.

4 mei

 

Dit is de eerste keer dat ik een vliegreis ga maken. Angelique en Xander brengen mij tot de bagageafgifte punt . De dames aldaar om een handje hulp gevraagd. Deze helpen met het wegen en labelen van de bagage. Het koffer gaat daarna op de transportband. I.v.m. de drukte in de vakantie periode wordt door Schiphol en KLM geadviseerd om 2 uur eerder op het vliegveld te zijn.

 

Bij de Security check moeten alle voorwerpen, inclusief camera en accessoires, in plastic bakken door de röntgen scanner. Omdat ik hoge schoenen draag moet ik deze uitdoen. Nu moet ik zelf door een scanpoortje en wordt daarna gefouilleerd. Na deze check kan ik doorlopen naar terminal 2. Ik loop langs winkeltjes en eetgelegenheden. Het is wel druk maar bij lange na niet hetgeen wat verwacht werd. Ik ga verder naar de gate. Hier ontmoet ik een Amerikaan. Hij is vertegenwoordiger in medische apparatuur (oog laseren en aanverwante zaken). Met hem gepraat totdat hij aan boord van zijn vliegtuig verwacht werd. Zo’n 10 minuten voor mijn eigen boarding word ik gespot door enkele van mijn medereizigers en maak kennis met ze.

 

 

Om 16:45 uur gaat de gate open. Ik heb een raamplaats bij de vleugel. Ik word omringd door Chinezen en Russen. Tijdens de reis valt met deze mensen dus niet te converseren. De Chinezen die naast mij zitten zijn vriendelijk en behulpzaam. Het opstijgen verloopt verbazingwekkend snel.

 

 

 

Mijn 1ste vliegreis is begonnen.

De beenruimte is aan de krappe kant en het geluid van de motoren is dominant aanwezig.

Voor de rest is het comfortabeler dan reizen met een bus. Onderweg heb ik 2 speelfilms gekeken namelijk Avatar (blue version) en jack Reacher 2.

De stewardessen zijn vriendelijk en zorgen goed voor de passagiers. Drinken wordt frequent aangeboden en het eten is qua smaak en hoeveelheid goed te verorberen. Kijkend door het raampje (seat 31K) ben ik verbaast over de helderheid van de lucht en de uitzichten. Zit je op 37.104 feet (11,3km) hoogte dan zijn de details van de Russische steppen en steden gedetailleerd waar te nemen. Tijdens de landing is een lichte turbulentie voelbaar.

 

Voordat we het vliegtuig verlaten krijgen we een formulier. Deze moeten we invullen voordat bij de immigratie dienst aankomen. Ik maak kennis met nog een aantal reisgenoten. Een van hen was verbaast over het in te vullen papierwerk. Door de drukte met haar eigen ik, heeft ze niet opgelet. Nu naar de balie waar je het formulier overhandigt. Een gedeelte krijg je retour om deze bij het uitreizen weer te presenteren. De serieus kijkende dame is snel klaar met de controle en ik kan doorlopen, om de bagage op te halen.

De transfer naar het hotel verloopt met enige vertraging. Twee personen komen met Lufthansa op een andere luchthaven aan. Dit was de origineel geplande vlucht van Sawadee maar deze is enkele weken voor aanvang van de reis omgeboekt naar de huidige vlucht. In de tussentijd maken we kennis met de andere medereizigers. Wendy, onze reisbegeleidster, vertelt dat ze mijn naam makkelijk zal onthouden. Deze is namelijk ook haar vaders naam. Nadat Agna en Erwin zijn aangekomen gaan we met de bus richting Beijing.

Beijing ( 北京) is de hoofdstad van China. De stad is reeds sinds de stichting van de Qing-dynastie in 1644 de hoofdstad van China, met uitzondering van de periode 1928-1949, toen Nanjing de hoofdstad was Het King’s Joy Hotel ligt op loop afstand van de metro en toeristische attracties zoals het Tiananmen plein en de verboden stad. Met Jan en Bert afgesproken hoe de kamer indeling plaats vindt. Ieder van ons krijgt om beurten de 1 persoons-kamer. We snurken alle drie zodat we ons niet kunnen beklagen.

Met enkele medereizigers een kort uitstapje naar het plein van de Hemelse Vrede. Voor we dit plein bereiken lopen we langs de Qianmenpoort. Deze werd gebouwd in 1419 en vervolgens gerestaureerd aan het begin van de 20e eeuw. Het complex bestaat nu alleen nog uit de Poort van de Middagzon (Zhengyangmen) en de grijze Boogschutterstoren (Jianlou). De rest van de omwalling is verdwenen.

Tijdens onze voettocht valt het op dat in dit gedeelte van Beijing op elke hoek van de straat een duidelijke politie aanwezigheid waarneembaar is. Deze worden ondersteund door een legio van camera’s. Het verkeer is chaotisch. Fietsers bellen, auto’s claxonneren. Geen mens die hierop reageert. De vervoersmiddelen zijn van zeer modern tot oldtimers van wel 50 jaar geleden. Veel fietsers en tot mijn verbazing elektrische scooters. Zoals wel verwacht zijn hier veel kleine winkeltjes met een grote diversiteit aan geuren. Veel restaurantjes met Chinese menukaarten. Daar kan ik niet veel mee!

 

Tegen de avond hebben we een restaurantje gevonden die een menukaart met foto’s kan presenteren. Ik doe een gok met een maaltijd die bestaat uit dumplings, varkensvlees en diverse groenten. Hierbij een koud biertje voor de dorst. Kosten 50 Yuan (circa 6.50 euro). Chinezen geven maar 1 rekening per tafel. Even wennen. (Ook het rochelen en spugen terwijl je zit te eten).

Naderhand, door de vertaalapp, blijkt dit "varkensschenkel" te zijn.  Mijn eerste kennismaking met de Chinese keuken. Nou, in ieder geval het bier was goed te drinken.

5 mei

 

Het Tiananmenplein (天安門廣場), in het Nederlands vaak Plein van de Hemelse Vrede genoemd, is een plein in de Chinese hoofdstad Peking. Het plein is 880 meter lang en 500 meter breed. Op het oppervlak van 440.000 m2 kunnen minstens een miljoen mensen samenkomen. Het plein is vernoemd naar de Tiananmen (de Poort van de Hemelse Vrede) die aan het plein gelegen is.

De op het plein aanwezige gebouwen:

Tiananmen (Poort van de Hemelse Vrede), dat nu het staatssymbool van de Volksrepubliek is, dateert uit 1417 en heette toen de Poort van het Keizerrijk. De poort gaf toegang tot de erachter gelegen Keizerlijke Stad, waarbinnen de Verboden Stad gelegen was met het vroegere keizerlijk paleis.

In het midden van het plein staat het mausoleum waar Mao Zedong sinds 1976 opgebaard ligt. Tegenover het mausoleum staat een granieten obelisk. Dit is het Monument voor de Volkshelden. Het werd op 1 mei 1958 opgedragen aan de soldaten die sneuvelden tijdens de Revolutie. De obelisk is 37m hoog en weegt 70 ton.

Aan de westkant van het plein staat de Grote Volkszaal. Het gebouw is 310 meter breed en heeft over bijna de gehele lengte zuilen. Bovengenoemde obelisk staat er midden voor. In deze Hal bevindt zich het Chinese parlement en de departementen. Er kunnen vergaderingen worden gehouden met 10.000 deelnemers. Aan een banket kunnen 5000 mensen aanzitten.

Het plein kwam internationaal in het nieuws toen op 4 juni 1989 een studentenprotest, waaraan naar schatting een miljoen studenten en burgers deelnamen, bloedig werd neergeslagen. In de nacht van 3 op 4 juni verpletterde het leger met tanks in opdracht van Deng Xiaoping iedere vorm van protest/verzet. Van de student op deze wereld beroemde foto is nooit meer iets vernomen.

Voor het betreden van het plein moet je door een Security Checkpoint. Je identiteitsbewijs moet getoond worden. Flesjes water worden gecontroleerd. Tassen gaan door de röntgen controle. Camera’s gelukkig niet. Op het plein lijkt het alsof niet al te veel mensen aanwezig zijn. Maar indien er plaats is voor circa 1 miljoen bezoekers, dan vallen bijv. een tiental duizenden personen helemaal in het niet.

’s Middags door de winkelstraten gelopen. Overal druk met mensen. Bij elk restaurant proberen, meestal dames, om je naar binnen te lokken. Het is wennen aan het uiterlijk van deze eetgelegenheden. Ik ben toch wel bezorgd om een eventueel buiktyfus op te lopen. Dit dan met alle gevolgen van dien.

6 Mei

 

Eerst een ontbijt in het hotel (20 Yuan). Het ontbijt is eenvoudig maar toereikend. Chinees brood heeft toch een andere dimensie. Zonder roosteren is het niet te eten.

Daarna om 8 uur naar het Tiantan park(天壇). 35 Yuan, met toegang tot de Tempel van de Hemelse Vrede. De Tempel van de Hemel of het Altaar des Hemels ligt in een uitgestrekt park in het zuiden van Peking. Hier leidden de keizers van de Ming-dynastie een plechtige, rituele ceremonie, waarbij ze als bemiddelaar tussen hemel en aarde offers brachten om de gunst van de goden af te smeken voor de volgende oogst. De godsdienst die daarbij hoort is het T(D)aoïsme

 

Ook hier streng controles voor het binnengaan. Checkpoint met scannen en paspoort controles. Weet nu zeker dat het visum in orde is. In het park zijn veel volksactiviteiten. Groepen mensen dansen op moderne muziek. Een soort inline dancing. Veelal mannen zijn bezig met sportieve oefeningen. Dit zijn niet de jonge mensen maar veelal degene met een oudere leeftijd.

Een heer, gekleed als een Pokémonbal maakt zijn enkels aan een horizontale stang vast en begint rondjes te draaien. Nadat hij gestopt is applaudisseren de omstanders. Ook voor de Chinezen zelf is dit uitzonderlijk.

We lopen langs een galerij met een lengte van 350m en een breedte van 5 meter. De plafonds zijn rijkelijk edoch eenvoudig geschilderd. Hier zijn mensen bezig met allerlei gezelschapsspellen. Mensen spelen Go, kaarten of zijn bezig met Mahjong. Ten zuiden van deze galerij staan de 7 sterrenstenen. Deze zijn 500 jaar geleden ten tijde van keizer Jiajing gefabriceerd.

Imperial vault of heaven (皇穹宇), de Keizerlijke Kluis van de Hemel (Huangqiongyu). Hier werden vroeger stenen bewaard met inscripties van de voorouders van de keizer, die tijdens bepaalde ceremonies gebruikt werden. Eromheen staat een muur die als echo muur gebruikt kan worden. Uiteraard waren er voldoende mensen die dit aan het demonstreren waren.

Ik heb geen echo kunnen waarnemen. Het gebouw is van hetzelfde type als de tempel van de goede oogst. Echter deze is maar 1 verdieping hoog.

Hierbij toegang tot de The Hall of Prayer for Good Harvests (祈年殿), tempel van de goede oogst. Prachtig. Het is een ronde gebouw met een diameter van 30 meter en een hoogte van 38 meter. Het is gebouwd op drie ronde terrassen van wit marmer. Het gebouw staat op 28 houten pilaren en bakstenen muren.

Circular Mound Altar: Cirkelvormige Altaar (圜丘坛)

De circulaire schrijn of altaar in de hemel is een open constructie die links naar de Zaal van Gebed voor Goede Oogst door stenen en bakstenen weg over 350 meter lang. Gebouwd in 1530, het altaar bestaat uit drie concentrische terrassen, omgeven door een wit marmeren balustrade. Elke trap die leidt naar de top van het altaar bestaat uit negen stappen zoals de Chinezen beschouwen de nummer 9 als het getal van goed geluk. De bijzondere akoestiek van de plaats maakt, als iemand spreekt vanuit het centrum van het altaar, het geluid toe en horen van alle kanten. Vlak bij dit altaar een terrasje gepikt om van een kop koffie en de zon te genieten. Heen met de metro (3 Yuan), terug naar het hotel gelopen.

Met deze foto’s een indruk van het dagelijks leven in Beijing. Van de veel bezongen fietsen (Katie Melua) tot de autostrada’s die door de stad voeren.

Mooie ruime winkelstraten. H&M mode, tramrails, bronzen beelden voor de verfraaiing. De drukte in de straten vind ik , op deze route reuze meevallen. We praten over meer dan 1 miljard Chinezen, waarvan 20 miljoen in Beijing. Toch heeft dit land minder inwoners/vierkante kilometer dan Nederland met zijn circa 16 miljoen inwoners.

Hutongs (胡同), wat letterlijk steegjes betekent, zijn opgebouwd uit Siheyuans (四合院). Een Siheyuan is een gebouwencomplex van vier gebouwen (woningen met meerdere gezinnen, werkplaatsen en winkeltjes) rond een centraal pleintje, omgeven door een muur. De wegen in een Hutong zijn vaak oost-west aangelegd, zodat de deuren in een noord-zuidrichting geplaatst kunnen worden. In de steegjes zijn mooie reliëfs aanwezig.

Om 13:30 uur met de gids naar de verboden stad, Forbidden city (紫禁城 ).

De Verboden Stad (Zijin Cheng) werd gebouwd tussen 1406 en 1420, gevolgd door de Hemeltempel (1420) en verscheidene andere bouwwerken. Het complex is verdeeld in een 'Binnenhof' en een 'Buitenhof'. Het Buitenhof bestaat uit de paviljoenen Tai He, Zhong He en Bao He. Daarbij staan de zij-paviljoenen Wen Hua en Wu Ying, waar de keizer belangrijke besprekingen hield. In het Binnenhof bevinden zich de paleizen Qian Qing Gong en Kun Ning Gong, met daarnaast nog enkele paviljoenen en zes kleine paleizen aan de west- en aan de oostkant. Het complex is 750 bij 960 meter groot en is ontworpen door een Vietnamese architect (Kuai Xiang). De toegangskaarten zijn reeds aanwezig zodat we metten naar de ingang kunnen lopen. Eerste indruk: Gigantisch. Veel pracht en praal.

Veel foto’s met de groothoeklens genomen. Anders is het geheel niet te overzien. Het is weekend dus er zijn veel chinezen aanwezig. Eenmaal verder in de stad valt het allemaal wel mee. Soms denk ik wel: “Hinderlijk zo’n dikke Chinees voor de Lens.” Zij zullen wel denken: “Alweer een grote Europeaan voor de camera”. Deze rivier heeft 5 bruggen. De middelste brug was voor de keizer gereserveerd.

Een gedeelte van de stad is maar toegankelijk. Volgens de gids omdat het buitenste gedeelte nog niet presentabel is. Nog een mooi cadeau voor Lisanne gezien. Maar 1300 Yuan is aan de hoge kant.

Indien we een Taxi terugnemen moeten we volgens de gids erop letten dat we niet opgelicht worden. Ik ben met Bert teruggelopen. Deze heeft al 30 reizen met Sawadee achter de rug. Bij het plein van de Hemelse Vrede mochten Bert en ik niet doorlopen. We kregen een andere route aangewezen. Deze was sneller.

’s Avonds zijn we gaan eten in een backpackers restaurant. Beef Lasagne en 2 x 500ml Chinees bier. (50 Yuan). Daarna terug naar het hotel.

7 mei

 

’s Ochtends het King Joy Hotel verlaten om de Chinese muur te bewandelen. We hebben extra reistijd nodig i.v.m. het bezoek van buitenlandse hoogwaardigheid bekleders en zakenlieden. Volgens onze gids David “Bigshots”. Deze willen samen met de Chinese overheid de oude zijderoute voor het toerisme ontsluiten.

 

In het hotel (Thank You Junyi Chain Hotel te Jinshanling (金山嶺)), ingecheckt en ik deel de kamer met Bert. Deze is een vrijgezel met als beroep Biotechnicus. Dit is een makkelijk gespreksthema met mijn opleiding tot laboratorium technicus. Verdere hobby’s van Bert zijn fotografie en Scouting.

Het hotel is eenvoudig. Het lijkt alsof wij de enige gasten zijn. De kamers zijn eenvoudig, matrassen zijn keihard,. De hygiëne is slecht. Buiten zit een grote hond in een kleine kooi onder de hete zon.

Met de bus naar de Chinese muur. De wegen zijn opengebroken en vrij moeilijk begaanbaar. Voor de muur is een plein met veel kleine souvenir winkeltjes. Verkoopsters doen zich veel moeite om hun spullen aan de man/vrouw te krijgen.

Entree voor de Chinese muur bedraagt 65 Yuan. Met Wendy afgesproken om de muur tot het eindpunt te bewandelen, maar om uiterlijk 15:30 uur om te draaien en terug te komen.

 

Dit onafhankelijk op welk punt je bent. Ik ben tot het hoogste punt gelopen. Alhier een fenomenaal uitzicht. Je merkt hoe vermoeiend het wandelen is. De hoogte, hitte, de steile hellingen en de ongelijke trappen nemen hun fysieke tol. Terug gelopen met Jean en Wendy. Gedurende onze wandeltocht zijn nauwelijks andere mensen aanwezig

Bij de ingang van de muur ligt een restaurantje. Na vijven en zessen wordt besloten om hier te eten. Voor het eten gaan we een Europees getinte bar binnen. We drinken wat en gaan dan door om te eten. We bestellen gezamenlijk. De gerechten worden op een glazen, draaibare tafel geplaatst. Deze zijn variabel en zeker lekker. Kosten 50 Yuan. Bij vertrek heb ik de kok bedankt voor het goede eten. Morgen gaan we meer wandelen op de muur. Nu het niet gerestaureerde gedeelte. Dit wordt een tocht van 6 a 7 uur. In eerste instantie weet ik niet of ik wel mee ga. Dit gezien de vermoeiende tocht van de 1ste dag. Even overlegt met onze reisbegeleidster. Ik ga mee. Voor de komende dag worden via de telefoon bananen besteld. Deze worden met de taxi gebracht. Kosten: 28 bananen voor 58 Yuan

8 mei

Dave onze gids verteld dat de toegang tot de Chinese muur door investeerders overgenomen is. I.p.v. eenmalig 65 Yuan voor 2 dagen te betalen moeten we voor iedere dag toegang betalen.

We beginnen aan een steile klim naar boven. De toestand van de muur is minder maar niet extreem slecht. Langzaam gaat het over in een niet gerestaureerd gedeelte zonder borstwering, steile trappen, torens in verschillende bouwkundige toestand. Het uitzicht is fantastisch!

We verlaten de muur. Het is niet mogelijk om veiligheidshalve verder hierover te lopen. Onze begeleiding bestaat uit David en nog een lokale gids die beter met de route bekend is. We lopen een steil pad naar beneden. Op dit pad liggen een soort van “kleikorrels”. De afdaling is door dit fenomeen nogal lastig. Wendy vertelde dat ze zittend naar onderen gegleden is.

Tijdens de afdaling nog een aantal Duitsers ontmoet. Deze waren afkomstig uit München. Even met deze dame en heer gekletst en toen onze weg vervolgd.

Onder aan het pad hebben we een korte sanitaire stop gemaakt bij enkele lokale mensen. Even de tijd genomen om een cola te drinken en een banaan te eten (oftewel de taxi banaan). Tijden het korte verblijf probeert een pup aandacht te trekken om ons eten afhandig te maken. Aangezien de normale correcties niet hielpen heeft Henk-Willem het beestje eens bij zijn nekvel gepakt. Vanaf nu is het rustig.

Tijdens onze route komen we een verlaten traditioneel huis tegen. Volgens David zijn de inwoners vertrokken i.v.m. de afgelegen ligging van het huis. Iets verder komen we een aantal Welshmen tegen. Deze ben ik al eerder tegengekomen en dacht dat ze uit de VS kwamen (Oeps!). Ze konden er gelukkig om lachen.

Boven op de heuvel krijgen we weer toegang tot de muur. We nemen pauzen in de toren met de 18 ramen. Alhier een pauze ingelast en een aantal mooie foto’s gemaakt (Met dank aan Erwin). Onze lokale gids is een sigaret aan het roken?. Voor het betreden van de muur heeft David ons verteld dat roken verboden is. Dit op straffe van een boete van 5000 Yuan en/of een aangenaam verblijf in de nor. Na het verlaten van de toren wordt de route een stuk eenvoudiger. Lange stukken muur met goede paden en nagenoeg geen trappen. Langs de muur bevinden zich diepe hellingen.

Aan het einde van de route gaat de stenen muur over in een gedeelte bestaande uit klei. Hier moeten we 25 Yuan betalen om de muur weer te verlaten. Dit gaat over een aangelegd pad zodat we weer vlug bij de openbare weg zijn. We gaan lopend naar een verderop liggend dorpje. Erwin, Emmy en ikzelf lopen op een flink tempo. Het verbaasd me dat na 6 a 7 uur lopen op de muur dit nog moeiteloos gaat.

In het restaurantje eten en drinken besteld. Een kleine fles cola was niet te verkrijgen. Voor 15 Yuan een 2ltr fles gekocht. Deze met Erwin gedeeld. 2 liter is voor 1 persoon toch aan de ruime kant. De kip Kundao was heerlijk. Vervolgens komt de rest van onze groep aan. Deze hebben niet over de muur gelopen, maar wel 2 uur oponthoud gehad i.v.m. een verkeersongeval van derden.

Even naar huis geappt. Dit met een foto van de bediening (Mao).

We gaan terug naar de bus. Onze lokale gids heeft een boek met foto’s van de muur te koop. Dit lukt hem. Zijn dag is weer goed.

Terug in Beijing en het King Joy hotel is het mijn beurt voor een single room. Eerst mijn schoenen schoonmaken en mijn broek en sokken wassen. (Stof ++++++). Daarna een lekkere douche om het laatste beetje stof te verwijderen.

Met Erwin, Bert, Agna, Jan en Wendy naar het backpackers restaurant om een hapje te eten en een biertje te drinken. Zelf beperk ik me tot een biertje. Mijn eetlust is niet geweldig. Al met al een zeer gezellige avond. Morgen gaan Agna, Erwin en ik naar een zijde winkel. Deze is aanbevolen door onze gids David. Deze heeft een goede kennis “manager Wu”. Deze kan ons verder helpen.

Morgen komen om 8 uur bij het backpackers restaurant bij elkaar. Ontbijten en gaan dan met de metro naar de winkel. Mijn voornemen is om te kijken of ik een souvenirtje voor Lisanne kopen kan.

9 mei

 

’s Morgens ontbeten in het backpackers restaurant. Agna en Erwin hebben Jean in hun kielzog. Samen met de metro richting de zijdewinkel. Opmerkelijk is dat in dit deel van Beijing geen politieagent te vinden is. . Na enig zoeken en navragen hebben we de winkel gevonden. We werden meteen naar de lift geleidt. Op de 2de verdieping werden we door een goed Engels sprekende, Chinese dame opgevangen. We kregen een rondleiding: Van zijde rupsen tot hun evolutie naar een cocon. We kregen een demonstratie hoe de zijde draden gefabriceerd worden. Verder mocht Agna en Jean assisteren met het verwerken van draden naar dekens. Een fragiel werkje.

Hierna natuurlijk het winkelen. Ondanks de vele uitleg, de vele mogelijkheden om dekbedden en overtrekken belastingvrij naar het thuisadres te laten sturen kan Jean geen besluit nemen. Een dekbed kost circa 900 Yuan. Dekbedovertrekken circa 5000 Yuan. Ondertussen heeft manager Wu zich gemeld. De verkoopster biedt nog een stel gratis hoofdkussens aan. Nog steeds twijfelt Jean.

Ondertussen zijn Erwin en Agna zijden stoffen aan het uitzoeken. Ze heeft al vaste plannen om thuis kleren hiervan te maken. Zelf ben ik gaan kijken voor een sjaaltje om deze aan Lisanne te geven. Met een beetje advies van de dames heb ik een keuze gemaakt (350 Yuan). Uiteindelijk heeft Jean ook een sjaaltje gekocht. Agna een aantal meters mooie zijden stoffen. Na het afrekenen probeert de verkoopster nog eenmaal om Jean tot aankoop te overtuigen. Niet dus.

Nu terug naar de metro. Jean is druk bezig met appen. De rest van haar wereld is dan niet meer aanwezig. Jean heeft nu spijt dat ze de dekbedden niet gekocht heeft ( te laat, jammer). Tijdens het oversteken van de weg moeten we goed op haar letten anders is de kans reëel dat ze door een verkeersdeelnemer overreden wordt. We maken haar wijs dat mensen in een roze shirt voorrang krijgen. Ze vraagt hoe wij dit weten. Ons antwoordt: “We weten dit niet zeker, maar wij gaan het nu met jouw uit proberen” .

Ook indien de voetgangers oversteekplaats groen licht heeft dan blijft het spitsroeden lopen. Kijk je twijfelend dan krijg je geen voorrang. Met een strenge uitdagende blik dan willen ze wel, met tegenzin, stoppen. Om 12:15 uur zijn we terug in het hotel.

We zijn nog een hapje gaan eten. Mijn eetlust is nog steeds niet echt optimaal. In het hotel mijn spulletjes ingepakt en deze in de Luggage room gestald. Daarna mijn tijd doorgebracht in het “winkeltje” van het hotel. Hier is de Ice thee goed gekoeld en de airco is aangenaam. Alhier nog even met een poolse dame gesproken. Deze is in Duitsland werkzaam. Dus nu even geen taalproblemen.

De treinreis van Beijing naar Xi’An.We gaan met de bus naar het treinstation. Eerst paspoortcontrole + ticketcontrole, securitycheck en daarna naar wachtruimte 5 om vervolgens naar rail 9 te gaan. Onze reisgroep heeft een kaartje voor wat een “softsleeper” genoemd wordt.

Ik weet niet waar de naam soft- of hardsleeper vandaan komt. Het enige verschil wat ik kan observeren is dat de eerstgenoemde een deur in de cabine heeft. Indien de matrassen daar nog harder zijn dan de onze, beklaag ik de passagiers. De ruimte voor onze bagage is beperkt.

Met een beetje puzzelen lukt om de koffers in een kleine bagageruimte onder te brengen. Uit deze ruimte moeten we eerst een zak afval van onze voorgangers verwijderen. Gedurende de reis heeft de trein 6 tussenstops voor het eindstation. De aankomst zal om circa 7:43 uur zijn. De wekker alarmeert om 6:30 uur)

10 mei

 

Om circa 2 uur ’s nachts gaat de telefoon van Erwin. Een belletje uit België met als onderwerp het plaatsen van een airconditioner. Deze persoon kon schijnbaar de woorden "China" en "midden in de nacht" niet begrijpen. De reis is hobbelig. Bij ieder treinstation is het afremmen duidelijk te bemerken. Vlak voor de aankomst krijgen we onze treintickets door de conductrice geretourneerd. Deze werden aan het begin van de treinreis gewisseld tegen een kunststof ticket. Waarom???? Met enig kunst en vliegwerk weer aangekleed en de koffer uit de cabine gehaald.

We worden door een lokale gids opgehaald. Deze is vriendelijk en spreekt goed Engels. We gaan naar het Hongye Grand hotel. Hier weer het bekende paspoort ritueel. Ik deel nu een kamer met Jan. De kamer is comfortabel. Nu even douchen, breakfasten (20 Yuan) en dan op naar het Terracottaleger.

Het Terracottaleger is de benaming voor de archeologische vondst van ongeveer 8000 terracottafiguren die als grafgiften werden meegegeven aan de eerste keizer van China, Qin Shi Huangdi (259 v.Chr.-210 v.Chr.). Het 'leger' bevindt zich tussen de berg Li en het hedendaagse Xi'an.

Bij de ingang van het museum staat een groot beeld van keizer Qin Shi Huangdi. Na een korte wandeling komen we bij de ticket office. Sommigen van onze senioren krijgen leeftijdskorting. Zelf behoor ik tot de jongeren dus betaal ik de gewone toegangsprijs van 150 Yuan. Op aanraden van Wendy beginnen we aan de 3D introductiefilm. Kwalitatief is deze echter waardeloos.

Een slechte uitvoering van jaren 80 techniek. Het Expo gedeelte bestaat uit 4 grote hallen. Deze zijn genummerd op volgorde.

Ik ben gewoon begonnen aan de laatste en meest indrukwekkende hal. Hier staan colonnes gerestaureerde terracotta soldaten en paarden. Verderop ligt een gedeelte waar restauratie van beelden mogelijk is. Het valt op dat het aantal bezoekers bescheiden is.

In de volgende hal is een voorstadium van de opgravingen te zien. Bij grote gedeelte zijn afdrukken van ingestorte en vergane balken te zien. Hieronder liggen dus nog steeds beelden die opgegraven moeten worden. Iets verder op liggen talloze scherven van paarden en strijders waarvan je eigenlijk denkt: ”Dit kan niets meer worden gerestaureerd”. Verder zijn ook afdrukken te zien van houten voorwerpen zoals wielen. Het hout is vergaan maar de afdrukken zijn nog in tact. Op de 2de verdieping in deze hal is een winkel/tentoonstelling aanwezig gevuld met jade kunstvoorwerpen. In deze winkel zijn de voorwerpen: De zijn ongelooflijk mooi en duur.

Verder passen veel van deze beelden absoluut niet in mijn koffer, alhoewel tegen een klein meer prijs en belasting vrij zijn in China altijd mogelijkheden om deze thuis te krijgen. Dit is in de zijdewinkel te Beijing reeds gedemonstreerd.

Alhier staan ook beelden van mensen en paarden in vitrines tentoongesteld. Op sommige beelden is de originele verf nog steeds zichtbaar. Met een woord: prachtig.

We zijn een hapje gaan eten in het aanwezige restaurant (McDonalds stijl). Deze is gelegen in een souvenirwinkel. Sommige van deze souvenirs zijn zo groot dat ik me niet kan voorstellen dat een doorsnee toerist deze verwerft en meeneemt.

De kleinste hal. Hier bevinden zich gerestaureerde beelden. Een behoorlijk aantal staan zonder hun hoofd op hun schouders. De afgraving is strak en goed toegankelijk.  Verderop is het museumgedeelte. Hier staan beelden, gebruiksvoorwerpen en veel informatie. Het meest indrukwekkende is een koets met 4 paarden ervoor. Verder vind ik het paardenhoofd met tuigage zeer mooi.

Na afloop van de bezichtigingen zijn Agna, Erwin en Jean et Mois door de winkel/souvenirstraat richting parkeerplaats gelopen. Dit is een obligate route waarin de commercie voorop staat.

We zijn snel nog een McDonalds binnen gelopen om te genieten van de 'culinaire' mogelijkheden gebruik te maken J. En zie daar, Wendy komt binnen om aan haar koffie addictie te voldoen. Hierna snel terug naar de bus. We zijn aan de late kant.

Terug in het hotel even uitproberen of mijn creditkaart werkt. Bij een aantal medereizigers verloopt dit niet van het leien dakje. Even het menu van de pinautomaat op Engels omschakelen en het beste hopen. Gelukt, alles verloopt probleemloos. Vanaf de deur van het hotel zie ik een gepantserde auto voor de bank stoppen. Een vijftal zwaargewapende mannen met kogelvrije vesten en helmen stappen uit. Op hun kleding staat “Dragon Guard” geschreven. Dit is de Chinese versie van de Nederlandse waarde transport maar dan in de overtreffende trap.

Tegen de avond gaat een grote groep naar een specialiteitenrestaurant waar diverse soorten dumplings op het menu staan. Zelf ben ik geen liefhebber hiervan maar ga toch mee omdat dit restaurant dicht bij de Moslimwijk gelegen is.

We gaan met de bus vanuit het hotel naar het restaurant. Hier maken we de afspraak dat ik over circa 1,5 uur terug ben. Het dumpling etentje is dan voorbij. Langs de “Drum tower” ga ik richting moslimwijk. Deze is buitengewoon toeristisch. Dit is ook de eerste keer dat onze reisgroep gewaarschuwd wordt voor eventuele zakkenrollers. Aldaar overweldigende indrukken. In deze wijk gedragen zich de Chinezen als toeristen.

Ze lopen al fotograferend (vooral selfies) door de straten en stegen. Uitgebeende schapen hangen aan de marktkraampjes. De karkassen zijn nog 100% intact. Geen losse beenderen te vinden. Voor enkele kraampjes staan grote bakken zand en walnoten. Hierin worden zelfgemaakte voorwerpen/sieraden gepolijst. Verschillende winkeltjes met 2 krekels in een kooitje. Deze maken een indringend sjirpend geluid.

Veel van de aanwezige moslims hebben duidelijke Kaukasische kenmerken. Rood haar, blauwe ronde ogen etc. Tussen de vele toeristen zijn weinig buitenlanders van Europese aard. In een soort van zijgang/bazaar is men met grote hamers bezig om suiker te pletten. Daarna worden hiervan lange slierten gedraaid/getrokken. Plotselings een poetsploeg met fluitjes. Deze vegen rigoureus de straten schoon. Het lijkt me beter om niet in de weg te lopen. Verderop staat een jongen zonder armen die met zijn hoed jongleert. Deze jongen heb ik al op YouTube voorbij zien komen. Je ziet vrouwen in verschillende klederdrachten, met zowel Aziatische als moslim kenmerken.

Gedurende het lopen valt het op hoeveel etenswaren gekocht kunnen worden. Dit omvat runder-, schaap- vlees, exotische soorten fruit, insecten, rijst. Een behoorlijk aantal fietsers manoeuvreren zich door de menigte. Een ervan krijgt een collisie met mijn elleboog. Op een gegeven moment wordt het licht minder en de toeristen verdwijnen. Het is tijd om terug te keren naar de drukte. Op tijd, volgens afspraak, terug naar het restaurant. Aldaar een half uur gewacht. In die tijd regelmatig lastig gevallen door bedelaars. Op het plein voor het restaurant is het druk. Mensen laten massaal een soort van drones opstijgen. Dit geeft mooie lichteffecten in het donker. Na drie kwartier wachten ben ik het restaurant in gelopen. Mijn medereizigers zijn de tijd en mij vergeten! Jammer, ik had nog wat langer in de moslimwijk kunnen vertoeven. Al met al een fantastische en drukke ervaring.

11 Mei

Met de bus richting stadswal. Toegang kost 54 Yuan. Fiets huren 45 Yuan, met 200 Yuan aan borg. De lengte van de fietstocht over de stadswal bedraagt 14 km. Hiervoor krijg je 2 uur de tijd, anders wordt een gedeelte van de borg niet terugbetaald. De fiets is een mountainbike met een klein verzet en toch een aantal rammelende onderdelen. Deze fiets is van Chinese makelij en kwalitatief niet al te best. Het fietsen over de stadswal is nogal hobbelig. Mijn derrière heeft het geweten.

Onderweg zijn wij verschillende malen gestopt om van het stadsgezicht te genieten. In het eerste deel van het traject zijn we naar het museumgedeelte gegaan om restanten van de oude stadswal te bezichtigen. De overige expositie was i.v.m. veranderingen niet te bezoeken.

Verder op is een Boeddhistisch klooster met Tibetaanse kenmerken te zien.

Op dit terrein staat een bodhiboom of banyan (Ficus religiosa), beschermt door een Green house. Iets verderop zijn schoolkinderen aan het vliegeren. Deze vliegers zijn niet al te groot. Maar goed ook, de kinderen zijn ook niet zo fors van postuur. Bijna aan het einde van de trip is een mini tentoonstelling van Chinese fietsen “door de jaren heen”.

Onderweg zijn twee paren bezig met een fotoshoot. Eenmaal in traditionele kleding en GSM en eenmaal een bruidsrapportage, waarvan de bruid in het rood gekleed is. We vonden 2 uur een ruime tijd om te fietsen, maar op het eindtraject hebben we toch even een tandje bij moeten doen.

Na het verlaten van de muur zijn we door de “Kaligrafie wijk” gewandeld op zoek naar een kop koffie voor Wendy. Alles is gesloten maar even verderop is een Subway. Hier dus een broodje kip gegeten met als ondersteuning een kop zwarte koffie.

Terug in het hotel even onder de douche, koffer ophalen en in de Luggage room onderbrengen en uitchecken. Met Agna, Erwin , Jan, Jean en Bert naar een aantal banken geweest. Het was voor Erwin niet mogelijk om geld te pinnen. Hij kreeg mijn aanbod om wat geld voor te schieten. Dit is uiteindelijk niet nodig geweest. Jan kon zijn Euro’s wel omwisselen.

 

Nu nog winkelen bij de ADIL (Chinese ALDI?) Dit voor de reis naar Lanzhou. Het is moeilijk om de juiste producten te kopen. Uiteindelijk resultaat: 2ltr water, aardappelschijfjes met honing, 2x yoghurtdrank, blikje cola.

Nog met de bovengenoemde personen een pilsje gedronken. Daarna in de hotellobby gewacht op ons vervoer naar het treinstation. Alhier de zelfde procedure van inchecken. Paspoort, ticket, security. In de wachtruimte komt een gevangene binnen. Deze is geketend aan handen en voeten. Zijn gezicht ziet eruit alsof deze een ontmoeting met een hard voorwerp gehad heeft.

 

Naar het perron, instappen in trein en naar de befaamde “softsleeper” . Aangezien de temperatuur op de eindbestemming een graad of 10 frisser is heb ik hiervoor de geschikte kleding in mijn rugzak gepakt. Ik deel de cabine met Henk-Willem en zijn vrouw Ellen en Bert. Wederom worden de kaartjes gewisseld voor een plastic surrogaat. De reden hiervoor??? Met een aantal personen proberen we in de restauratiewagon nog iets te eten of te drinken. Het is duidelijk dat de aanwezige chinezen geen moeite doen om ons te helpen. Dan toch maar terug naar de cabine om een poging tot slapen te wagen. Om 3.45 uur wordt op de cabinedeur gebonkt waarna deze meteen door de conductrice wordt geopend. De kaartjes worden omgewisseld waarna ze via een soort google translator laat weten “Lanzhou soon”. Aankomsttijd is 4:15 uur. Dit is een kwartier eerder dan het schema aangeeft. De NS mag hier een voorbeeld aan nemen! Lanzhou is de hoofdstad van de Gansu provincie. Een stad met zware industrie en de hierbij behorende milieu vervuiling. Na circa 10 a 15 minuten arriveert ons vervoer. Met enige moeite krijgen we onze koffers in de bus. Wendy vertelt dat ze om deze chauffeur heeft gevraagd. Zijn naam is Kapu en schijnt een veilige chauffeur te zijn. Vanaf Lanzhou is het nog 4 a 5 uur rijden voor we in Xiahe aankomen. We beginnen de reis over slechte wegen en vervuilende industrie installaties. Naar verloop van tijd worden de wegen beter en rijden we langs mooie gebieden met karakteristieke moslim woningen en veel kleine moskeeën met glinsterende, veelal groene daken.

12 mei

 

Om circa 9 uur arriveren we in Xiahe (夏河, 2930 m), bij het Overseas Tibetan Hotel. Aldaar worden wij zeer hartelijk ontvangen. We mogen onze koffers niet naar de kamer brengen. Een poging hiertoe word al snel onderschept. Op deze hoogte is al snel duidelijk dat enige acclamatie noodzakelijk is. Iedereen is bij enige inspanning kort van adem en duizelig. Na het inchecken kunnen we in het hotel ontbijten (30 yuan). Groene thee, toast met yak boter, jam, scrambled egg en jus d’orange.

Na het ontbijt krijgen we een toespraak van de lokale gids. Hij is half Tibetaans/Nepalees. Zijn vader was een monnik, tijdens de culturele revolutie naar Nepal gevlucht. Hij vertelde op een leuke manier dat zijn moeder hem tot trouwen heeft verleid. Zelf heeft hij in India op school gezeten alwaar hij les in de Engelse taal kreeg (met bijbehorend accent). Hij gaat verder met zijn info. De boeddhistische monniken in het Labrang klooster behoren tot de geelkappen. Dit is de meest invloedrijke stroming (Dalai Lama). Verder bestaan nog rood en zwartkappen. Voor de Han chinezen was tot voor kort de regel van maximaal 1 kind. Tibetaanse nomaden hebben meerdere kinderen. Het is/was de traditie dat uit ieder gezin de 2de zoon monnik werd. Een afgeronde studie tot monnik duurt 30 jaar. Gedurende die tijd is het niet ongebruikelijk om het huishouden van je leraar te regelen. We gaan een rondleiding door het klooster krijgen. Buiten de gebouwen mogen we fotograferen, binnen is dit verboden. Onze monnik/gids spreekt beperkt Engels. We worden gewaarschuwd over het feit dat deze monnik nogal wispelturig/humeurig is. Volgens onze gids krijgen de monniken te veel geld toegestopt. Hierdoor zijn ze te verwend geraakt. We bevinden ons in Amdo-Tibet oftewel het “vreedzame volk”. Een aantal jaren geleden (2008) was het onrustig in dit gedeelte van Tibet. De Chinezen hebben hier nu een garnizoen van circa 4000 soldaten gestationeerd. Hiervan was in de praktijk niets te merken.

Na het ontbijt heb ik mijn koffers uitgepakt en een aantal kledingstukken ter bewassing ingeleverd (21 Yuan). Daarna een wandeling door de hoofdstraat. Veel souvenirwinkels, eetgelegenheden, dikke monniken. De wegen zijn beperkt geasfalteerd. Verlaat je de hoofdwegen dan sta je al vlug op een zandpad. Na deze korte wandeling terug naar het hotel. Even een uurtje rusten om daarna richting klooster te lopen.

Samen met ons complete reisgezelschap en Lilly zijn we rond het klooster gelopen. Dit is een pelgrimsroute, ook wel “Kora” genoemd. Deze Kora heeft een lengte van circa 3 km. in deze route zijn 1184 gebedsmolens aanwezig. De pelgrims draaien deze rond en herhalen steeds een mantra. Rond deze route bevinden zich honderden pelgrims. Het overgrote gedeelte zijn oudere mensen (zoals bij veel religies).

Enkelen van onze reisgroep zij m.i. te opdringerig met het maken van foto’s . Mensen ervaren dit als onprettig. Ik begrijp de wens voor foto’s met karakteristieke gezichtsuitdrukkingen. Zelf voelt dit als incorrect aan. Wel heb ik foto’s gemaakt van een aantal monniken die een lucht/wolkenpad aanleggen. Dit gebeurt m.b.v. krijtstof. Dit pad heeft geen religieuze betekenis maar wordt ter ere van een hooggeplaatste monnik aangelegd.

Verder nog een foto van een jonge monnik, met lolly, gemaakt. (met toestemming). Als we verder lopen komen we pelgrims tegen die zich letterlijk in het stof werpen (prosterneren/buikschuiven). Op de binnenplaatsen staan ovens om jeneverbes-takken (juniper branches)te verbranden. Dit om kwade geesten te verdrijven. We fotograferen monniken die muziek instrumenten bespelen. Totdat ze ons ontdekken en “not amused zijn”. Jonge monniken die voetballen. Volgens Lilly spelen deze 1x per jaar tegen een elftal Chinezen. Als de Tibetaanse jeugd wint dan worden ze op allerlei lekkers getrakteerd. Op de rotswand staan kleine kleien “piramides” waarin menselijk as verwerkt is en stenen met Tibetaanse mantra’s.

We passeren een aantal stupa’s waar je linksom moet lopen. Een stupa is een boeddhistisch bouwwerk dat de relieken van een boeddhistische heilige bevat. Een klein gebouw me grote gebedsmolens waarvoor een bankje met Europese toeristen staat. Dit zijn Belgen en Nederlanders. Tevens langs de bergwand staan kleine hutjes tegen de bergwand. Deze zijn gemaakt om in retraite te gaan. Aan het einde van de Kora staat een emmer met “swiffers”. Deze zijn om de stof van je kleding en schoenen te vegen. Zeer effectief.

Na deze rondgang gaan we een kop koffie drinken. Lilly vertelt dat ze een zaak ontdekt heeft met de enig koffiemachine van de stad(?). Een eindje lopen maar wel acceptabele koffie. Hierna een hapje eten in een restaurantje. Alhier een Yak Curry (Nepalees) en een Tsingtao biertje. Wendy vraagt of de groenten met kraanwater gewassen zijn. Het antwoordt is “ja”. Wendy raadt het eten van de salade i.v.m. hygiëne af. Jammer, maar de rijst en Yak Curry is goed te eten. Na het eten nog gezellig na gekletst.

Om 20 uur zijn we terug in het hotel. Alle zaken/restaurants in de stad sluiten. Volgens onze gids is het verblijf in het hotel dan het beste.

13 mei

 

’s Ochtens 9: 30 uur, na het ontbijt richting Labrang (Labrang Trashi Khyil) klooster. Dit is het grootste klooster in de Gansu provincie behorende tot de Gelugschool. We lopen door de ticket office. Dit is een hypermodern, ietwat extravagant, gebouw met souvenirs winkeltjes. We lopen richting klooster alwaar de gids zich tot ons zal voegen. Deze is enigszins de Engelse taal machtig. Nogmaals de regel om alleen buiten het complex foto’s te maken.

De monnik, aangevuld door Wendy, geeft uitleg over de verschillende fasen van Boeddha, beschermgoden/godinnen. De werelden waarin een mens kan evalueren. Tara’s : godinnen van het medeleven, voortgekomen uit de tranen van Boeddha. We komen langs ruimtes waar monniken bidden bij waak goden/demonen. Deze ruimtes zijn taboe voor ons. Bij sommige demonen is het gelaat bedekt. In elke ruimte die we betreden moeten we onthouden dat we links om lopen. We naderen een algemene gebedsruimte. Naast deze ruimte moeten we wachten totdat de zaal met monniken gevuld is. Dit gaat volgens onze gids wel 17 minuten duren en het is te merken dat hij hierover niet blij is. Ik heb hem gevraagd wat 17 minuten nou betekenen in een eeuwig durende reis naar het bereiken van de goddelijkheid. Hierop kreeg ik geen antwoord, wel een niet welwillende blik. Na het verlopen van de tijd moeten we hem volgen. We lopen meteen naar buiten (?) en weg is hij.

 

We kunnen nog naar binnen kijken. We zien de monniken het gedoneerde geld tellen. De smeekbedes/verzoeken van gelovigen worden snel aan de kant geschoven. Hierdoor komt voor de buitenstaander het tellen van geld belangrijker over dan de gebeden. In de zaal staat een monnik die me laat denken aan een Romeinse Centurion. (Foto internet). Een mantel met brede schouderkappen, statig van postuur, een grote staf in de handen. Een langwerpig metalen ornament op de rug. Buiten de gebedsruimte liggen tientallen laarzen verspreidt.

Vanuit hier lopen we naar een zwartkappen klooster. We krijgen een korte rondleiding door dit kleine klooster. Binnen moeten we rechtsom! door de ruimt lopen. Hierna worden we letterlijk uit het klooster verwijderd.

We gaan verder naar een nonnenklooster, de bhikkuni's. We betalen 10 Yuan entree. Al een stuk minder dan bij hun mannelijke collega’s, de bhikku's. We krijgen natuurlijk de rondleiding door de tempel . De versieringen zijn verfijnder. Verder dezelfde afbeeldingen/schilderijen als elders in de kloosters. Er hangt een kleine foto van de Dalai lama.

Dit is volgens Wendy best wel gewaagt. Daarna mogen we een kijkje nemen in hun “privé-vertrekken”, oftewel hun keuken en slaapgedeelte. Met behulp van een jonge non (13 jaar) is toch enige communicatie mogelijk. In dit klooster met deze mensen had ik het gevoel dat iedereen van ons welkom was.

Samengevat: Het kleinste klooster met de mooiste ervaring. Later in de reis krijg ik te horen dat vrouwen in een reïncarnatie eerst man moeten zijn voordat ze verder kunnen in hun weg naar verlichting. Mijn ervaring zegt dat dit beter reciproque moet zijn! Op de terugweg hebben we een kleinigheid gegeten en daarna naar het hotel om een uurtje te rusten.

Om 15 uur met Emmy en Erwin naar een uitkijk gedeelte boven de stad/klooster. Het lijkt op een vermoeiende klimpartij maar dit valt uiteindelijk mee. Op dit plateau staat een muur van circa 30m lang. Dit is onderdeel vaneen helling om een Thangka, een geschilderd of geborduurd Tibetaans boeddhistische banier, te bevestigen. Halverwege ligt een dode hond.

Deze kan hier nog niet zo lang liggen. De staat van ontbinding is nog niet opgetreden. Nu is de omvang van het kloostergebied te pas goed te zien. Terug naar het hotel. Morgen gaan we de Tibetaanse hoogvlakte bezoeken.

14mei

 

Vandaag gaan we met de bus naar de hoogvlakten van de Gansu provincie oftewel het zomerverblijf van de nomaden. We stoppen bij een uitzichtpunt. Vanuit hier is de vallei goed te overzien. Jammer genoeg is het weer niet helder, maar toch een overweldigende blik. Dit uitkijkpunt wordt door nomaden, in dienst van de Chinezen, onderhouden. Hierdoor hebben ze onderdak en een vast inkomen. Onderweg zijn we nog een aantal malen gestopt bij een kudde Yaks en een groep schapen. Hierbij meteen de gelegenheid gebruiken om een stukje over de vlakte te lopen. We moeten als groep bij elkaar blijven i.v.m. de honden die de kuddes begeleiden. Deze kunnen ons als indringers zien. Dit met misschien wel minder plezante resultaten.

Lilly geeft onderweg nog enige uitleg: De huizen in de hoogvlakte worden door de Chinese overheid gebouwd. De nomaden mogen hier gratis wonen. Dit valt onder een soort van charme offensief. De wegen worden ook door de Chinese overheid aangelegd. Deze zijn tolvrij. Hierdoor worden de wegen zo intensief gebruikt dat de levensduur van het asfalt maar circa 3 jaar bedraagt. Deze wegen worden ook gebruikt voor transporten die niet meteen de aandacht van de overheid kunnen gebruiken. Het Schapenvlees is in dit gebied van hoge kwaliteit. Dit komt onder andere door de zouten/mineralen in de bodem. Hierdoor is de prijs van schapenvlees ook hoog.

We rijden door Tsewey-klooster. Hier is het fotograferen in de tempel toegestaan (Yesss!). Voor het klooster staan tientallen motoren. Deze zijn van de lokale nomaden die net terugkeren van een religieuze happening. Als Europeanen blijven we een bezienswaardigheid.

Lilly loopt wel mee maar gaat geen tempelcomplex binnen. Zij behoort tot een andere stroming binnen het Boeddhisme (geelkappen) en dit zijn zwartkappen verbonden met de Bön religie (((((https://nl.wikipedia.org/wiki/B%C3%B6n ). Deze maken, volgens Lilly, gebruik van magie en magie is slecht. Volgens haar worden de reïncarnaties van Boeddha anders geïnterpreteerd. Ze mag van haar familie om die redenen de tempel niet betreden.

 Wendy vertelt dat een aantal beelden van Boeddha en beschermgoden/demonen uniek zijn voor deze tempel. Zij had deze nog niet gezien. Het gaat hier om een zeer oude tempel (12de eeuw) , vernield tijdens de culturele revolutie en in 1982 weer opgebouwd.

Boven het klooster is nog een bundel takken met vlaggetjes. Samen met Erwin en Ellen naar boven geklommen. Vanuit hier een mooi uitzicht over het klooster en de hoogvlakte. Dit is tevens het einde van onze wandeling in het klooster.

Terug naar de ingang en naar het “toilet”. Een betonnen plaat met een gat in het midden. Hieronder een vrije val van een meter of vijf. Maar geen foto genomen. Stel voor, je camera valt naar beneden .

Met bus verder naar Gan Jia. Bert en Emmy lopen een aantal kilometers. Bert krijgt, van Kapu de chauffeur, een metalen staaf in de handen geduwd. Dit is om eventuele honden op afstand te houden. Op de vlakte hebben we gepicknickt. In het hotel zijn een aantal lunchpakketten samengesteld. Samen met een blikje Sprite was dit goed te doen.

Bajiao is een ommuurde stad die circa 900 jaar oud is. Deze stad was een onderdeel van een koninkrijkje. De mensen aldaar zijn bezig met de stad opnieuw op te bouwen en de aarden wallen te restaureren.

Onze reisgroep heeft even op deze stadswal gestaan. Deze wal is naar mijn schatting zo’n 3 meter dik. Een toertje door de stad gemaakt. De wegen zijn erg stoffig. Het valt op dat de schotelantennes en de Wi-Fi spots als eerste operationeel zijn. Wendy vraagt of we een woning van binnen willen bezichtigen. Hier is van ons uit geen behoefte. Was het een nomadentent geweest dan had ik wel eens een blik naar binnen willen werpen. Buiten de stad zijn een aantal chinezen bezig met een parkeerplaats aan te leggen. Hierachter ligt een houten trap tegen een helling. Deze bestaat uit 464 treden (geteld door Jean). Boven is een plateau vanwaar een geweldig uitzicht over de stad en de omliggende vlakte/gebergte. Wel een vermoeiende klim naar boven. Het herstellen van de stadswallen en het uitkijkpunt zijn initiatieven van de Chinese overheid om het toerisme in dit gebied te bevorderen.

Op de terugweg zijn een aantal medereizigers naar het ziekenhuis geweest i.v.m. benauwdheid/LWI. De kosten zijn belachelijk laag en de medicatie ziet er curieus uit. De X-thorax van Ria O. is volgens de Chinese artsen zonder bijzonderheden. M.i. is er sprake van een overvullingsbeeld. Ik ben geen arts dus heb haar alleen gevraagd of ze Diamox als profylaxe tegen de hoogteziekte innam. Haar antwoordt: Neen. Ik heb haar uitgelegd dat ik in haar situatie deze tabletten zou innemen. Maar de keuze en verantwoordelijkheid blijft bij haar.

Na dit uitstapje gaan we terug naar het hotel, waarna we in het restaurantje met de naam “Nomad” gaan eten. Alhier loopt een schaap in eetzaal rond. Volgens de eigenaar behoort dit schaap tot het Labrang klooster. Dit etablissement is niet de meest hygiënische in deze contreien, het eten was goed.

15 mei

 

Vanochtend om 9:30 uur vertrokken naar Langmusi (3350m). Onderweg rijden we langs indrukwekkende bergketens. Menige van deze bergen zijn bedekt met sneeuw. Onderweg zien we veel kuddes met Yaks, schapen en in mindere mate groepjes paarden.

Onderweg moet Kapu stoppen om de bus bij te tanken. De benzine kost 6,13 Yuan per liter. Een aantal van ons nemen van de gelegenheid gebruik om in de winkel een flesje water en in mijn geval een aantal repen chocolade (Dove) te kopen. Tijdens het tanken staat en motorrijder met zijn Tibetaanse vrouw naast de bus. Deze heeft mooie sierraden aan en om zich hangen. Jan is wel gecharmeerd van haar uiterlijk. Hij heeft ”onopvallend” een aantal foto’s met zijn IPad gemaakt.

Onderweg een sanitaire pauze.

Midden op de vlakte staat een plateau met kraanvogelbeelden. Een houten voetpad loopt over de vlakte hier naar toe. Ik schat de afstand zo’n 1 a 1,5 km. Onderweg zijn grote marmotten (Marmota Himalayana) te zien. De kraanvogels zijn circa 10 meter hoog. Aan de andere zijde van de beelden is een immense vlakte te zien. Deze vlakte is doorsneden met talloze kronkelige stroompjes. Volgens de aanwezige informatie staat deze vlakte 1x/jaar volledig onderwater. Dit is de tijd dat duizenden trekvogels hier dan neerstrijken.

Langmusi is een grensstad met overwegend Amdo Tibetanen en Hui moslims. De stad ligt voor een gedeelte in de provincie Gansu en de Sichuan provincie. Religieuze centra zijn de Hui moskee, Kitri en Sertri Gompa. De laatsten zijn beiden Boeddhistische tempels, elk gelegen in een andere provincie.

Het Lang Mu Si hotel wordt gerund door een 4 tal jonge dames. Communicatie in het Engels is niet mogelijk. Deze keer heb ik de “privésuite”. Deze ligt op de 3de verdieping, zonder lift. De koffers worden naar boven gedragen. Ik draag mijn koffer wel zelf. Ik vind het niet kunnen dat deze dames, waarvan de leeftijd rond de 17 jaar ligt, met mijn 20 kg aan bagage slepen.

Na het inchecken zijn we op advies bij “Leisha” een kop koffie of thee gaan drinken. Dit restaurantje is bekend om zijn Yakburger en apfelstrudel. Het is een eenvoudig restaurantje met een keuken waar de bedrijvigheid duidelijk bemerk baar is. De muren zijn behangen met teksten en papiergeld van voormalige klanten. Achter door staat het koffiezetapparaat. De jonge man die dit apparaat bediend doet dit alsof alle handelingen nieuw voor hem zijn. Aan de pilaar, midden in het restaurant hangen verschillende fraaie dolken en zwaarden. De kastelein is een grote imposante man. Bij het afrekenen moet hij verschillende malen zuchten. Hij heeft moeite om geld terug te geven.

Iedereen betaalt met een 100 Yuan biljet. Een geluk voor Wendy zij hoeft haar rekening niet te betalen. Verder nog een opmerking van de reus t.a.v. het betalen van de thee. Met een diepe stem zegt hij “Tea, no charge”.

Samen door de stad gelopen. Hier heerst veel bedrijvigheid wat betreft bouwnijverheid. Maar het bouwen ziet slordig uit en is niet te vergelijken met westerse methoden. Achter de façade liggen hopen met rotzooi. Riool putten zonder deksels. Draadeinden steken uit de putten naar boven. Samen met Wendy en Jean lopen we door de stad richting Sertri Gompa. We lopen langs de kora. Hier staat een monnik, met wat ik denk familie, en deze wil graag een foto van ons maken. We blijven als westerlingen toch een bepaalde aantrekkingskracht houden. De omgeving is nog steeds bergachtig en indrukwekkend. Alleen jammer van alle elektriciteitsleidingen die de kwaliteit van het uitzicht verminderen. Op de terugweg naar het hotel komen we een klein gebouwtje tegen de bestaat uit klei en stro, een houten dak waarop keien zijn geplaatst. Dit gebouwtje staat boven een beekje. Hierin is een horizontale watermolen geplaatst. Deze constructie past niet in het gemoderniseerde stadsbeeld maar heeft een onmiskenbare charme en een link naar het verleden.

’s Avonds gaan we eten in de “Black Tent”. Dit is een restaurant met een Europese keuken. Ons groepje bestaat hoofdzakelijk uit de “Zuiderlingen”. We krijgen een tafel toegewezen. Hieronder staan meerdere kleine straalkachels. Heerlijk warm. In het restaurant ligt een grote witte hond. Deze ziet er prachtig uit. Jammer van de open plek in zijn hals.

16 mei

 

Vanochtend onder van een lokale gidsbegeleiding naar de Sertri Gompa gelegen in dezelfde stad en wel aan de Gansu zijde. Deze gids heeft de behoefte om zeer uitgebreid te vertellen. Hij vindt mi zijn eigen persoonlijkheid ook wel Ok. Zijn uitleg is aangepast aan zijn eigen zienswijze en opvattingen. Hij vertelt over het Boeddhisme en de verschillende stromingen binnen dit geloof. Hij vindt dat alle monniken in de grote kloosters, zoals Labrang, zijn in dienst van de Chinese overheid en daardoor bespioneren ze de Tibetaanse bevolking. Hij heeft moeite met jaartallen in het Engels. De culturele revolutie vindt volgens hem een eeuw vroeger plaats. Het begrijpen van het Boeddhisme is volgens hem alleen mogelijk indien je de Tibetaanse taal of Sanskriet machtig bent(?)

Na een uurtje heeft Wendy voorzichtig erop gewezen dat we nog een restprogramma hebben. De tempels waren gesloten zodat we alleen in een shrine terecht konden en een voorportaal van een studie/discussieruimte.

Boven het klooster is een gebied voor een sky burial ( Jhator) https://nl.wikipedia.org/wiki/Luchtbegrafenis. Erwin wijst op een aantal gieren die rondvliegen. In eerste instantie was het de bedoeling dat we een Jhator konden bijwonen. De gids vond dit niet respectvol zodoende is dit gedeelte niet doorgegaan. (Foto internet)

Tussen de middag zijn we weer bij “Leisha” gaan eten. De baas was niet aanwezig maar de bazin was wel in het restaurant. Het was duidelijk dat zij de touwtjes in handen had. Het gaat even mis met de koffie maar dit wordt weer snel gecorrigeerd. Ik heb zelf een Yak meat burger gegeten. Kort samengevat Lekker en voldoende.

Om 13:30 uur gaan we naar de Langmusi kloof (Namu Gorge). We lopen via het woongebied van de monniken van de Kirti klooster . Dit zijn eenvoudige woningen en zoals al eerder gezien is het voor onze westerse normen nogal rommelig. Je kunt dit rommelige ook als karakteristiek beschouwen. Onderweg zien monniken rusten en spelen bij een kleine beek. Dit is tegenover een kloosterschool. Het is goed om te zien dat er ook rekening gehouden wordt met de leeftijd van de jongelingen en de behoefte om te spelen.

De kloof begint met een wand vol met een soort “plaatjes” en kleine “piramiden”. De eersten bevatten offergaven, de 2de zijn gevuld met asresten. Iets verder door ligt een soort van grot versiert met Tibetaanse gebedsvlaggen en een beeld van tijger. Alhier zou de stichter van het klooster jarenlang gemediteerd hebben.

Verder door lopen we door een gebied met afwisselend ruw en vlak terrein. Ook loopt een stroompje kris kras door het ravijn. Ik ben een stukje voorop gelopen. Je moet over keien lopen om droge voeten te behouden. Met de camera in de aanslag gaat het passeren van de keien in het water voorspoedig. Geen foto’s dus van natte medereizigers. We komen nog een herder tegen die zijn schapen in de kloof laat grazen. Op dit punt heeft onze gids geen tijd/zin meer om verder te lopen. Ik loop nog een eindje door maar besluit gezien het uitzicht niet veranderd om naar de groep terug te keren. Tijdens het teruglopen naar het begin van de kloof nog een tijdje met de gids gesproken. Hij herkent mensen aan uiterlijke kenmerken en spreekt deze hierop ook aan. Mij noemt hij de “cameraman” en Jan werd “North face” genoemd naar het merk jas die gedragen werd.

Aan het begin van de kloof komt een grote Labrador op ons afgerend. Deze begint meteen met de gids te spelen. Hij noemt de hond zijn vriend met de naam “Momo”. Ik vraag hem verbaasd of de hond inderdaad zo heet. Van tevoren had ik gehoord dat dit een Nepalees gerecht is. Dit in combinatie met het verhaal dat hond op het menu kan staan heeft mij tot deze vraag getriggerd. Hij wist exact waarop ik aanstuurde en moest hierom lachen.

Het aantal jonge monniken bij de klooster school was flink in aantal gegroeid. Hier hebben we nog een tijdje stil gestaan en wat foto’s gemaakt. Daarna afscheid genomen van de gids. Deze vertelde nog dat we in zijn restaurant welkom waren. Van mijn reisgenoten later vernomen dat het eten lekker en goedkoop was. Verder dat zijn echtgenote ook de mening was dat hij te veel spraakwater had en hem hierop corrigeerde.

Met Jan, Jean, Agna en Erwin naar een Chinese variant van McDonalds namelijk “Belike”. Het is een modern concept maar de mensen verstaan geen woord Engels. We krijgen een menukaart met foto’s. Jan is meteen gecharmeerd van de peking eend. Hij krijgt hierbij plastic handschoenen. In eerste instantie vindt hij dit niet nodig. Maar na korte tijd en zeer vettige vingers gaat hij overstag. Verder is het eendje erg warm en vergt het vasthouden enige kunst en vliegwerk. De Chinezen zijn al gestrest over het feit dat de communicatie met hun klanten niet makkelijk verloopt. Dan is Jean aan de beurt om de Chinezen te stressen. Ze vraagt in het Nederlands of ze ook mayonaise hebben. Waarom in het Nederlands? Antwoordt van Jean: “Als ze toch geen Engels verstaan, kun je net zo goed in het Nederlands vragen!”. De rest van het gezelschap kan zonder enige moeite bestellen.

Gedurende deze dag was een stroomstoring in het Sichuan gedeelte van de stad. Ons gedeelte dus. Hiervan geen extreme hinder ondervonden. De meeste tijd waren we toch op pad. Het Gansu gedeelte had wel stroom. Maar goed ook want hier gingen wij ’s middags eten.

Reeds eerder de toestand van de rioolputten beschreven. Henk-Willem heeft een bloempot met plant voor de put geplaatst (Een gemeente ambtenaar waardig.) Daarna een poging van hem om deze gevaarlijke situatie aan een Tibetaan/Chinees uit te leggen. Zonder enig spot kan ik wel beweren dat het gezicht van deze persoon hilarisch, zonder enig begrip, uitzag.

17 mei

Vandaag naar Songpan (2900m). De koffers worden door de jonge dames naar beneden gesleept. Deze dragen 2 koffers (35-40 kg) tegelijk naar de ontvangsthal. Mijn poging om mijn eigen koffer naar beneden te dragen strand met een boze blik van een van hen. Later wordt mij verteld dat mijn geste gezien kan worden als een uiting van wantrouwen in hun functioneren. Jammer, dit was niet mijn bedoeling.

De laatste keer bij Leisha eten en dan met de bus op weg naar Songpan. Tijdens de busreis is het gezellig en interessant om eens rustig met je mede reisgenoten te babbelen. Dat wil zeggen een gesprek met Agna, Erwin, Wendy en zo nu en dan nog Jan of Henk-Willem.

 

Songpan is een oud van oorsprong Tibetaanse stad, met een oude (nieuwe) stadskern. Een aantal jaren geleden is een gedeelte afgebrand en vervangen door nieuwe gebouwen met de bedoeling om de karakteristieke eigenschappen te behouden. De stadsmuren om het centrum van de binnenstad zijn gerenoveerd. Aan de noord zijde voorbij de poort staat een restant van een nog oudere muur. In de binnenstad zijn oude bruggen met een overduidelijk karakter te zien.

Verder veel souvenirwinkeltjes, theehuizen, restaurantjes. In de stad heerst een flinke bedrijvigheid. Afgezien van de vele Chinese toeristen rijden veel auto’s en elektrische riksja’s rond. De meeste auto’s zijn veel te groot voor de nauwe straatjes. Er ontstaat een regenbui. Binnen 10 minuten lijkt het wel of alle Chinese toeristen “gesmolten” zijn. Gedurende deze bui zijn we een theehuis binnengegaan. Hier geld zoals in veel van de ze zaakjes. Koffie is duurder dan thee. Thee wordt steeds met water aangevuld. Hierna zijn we nog door de binnenstad gelopen. Nu was het mogelijk om ongestoord foto’s te maken. De Chinezen waren nog steeds van de aardbodem verdwenen. Onder het lopen zijn nog een aantal zeer oude huizen te zien. Door hun ouderdom en de hierdoor ontstane defecten zien ze zeer interessant uit.In Songpan zijn vier etnische groepen aanwezig. De Tibetanen, Hui moslims, Qiang en Han Chinezen.

Voor de poort aan de zuidzijde staat een groot beeld van prinses Wen Cheng en koning Songstsen Gampro (641 NC). Waarover veel legendes vertelt worden. O.a. dat de prinses haar echtgenoot tot het boeddhisme heeft bekeerd en hij aan het begin van de geschiedenis van Tibet stond.

Tevens staan er 2 cavalerie soldaten. Deze evenals de bronzen soldaten op de stadswallen houden een waakzame blik op de omgeving. In de buitenstad zijn veel winkeltjes met vleeswaren uitgestald. Op de stoep staan yak testikels tentoongesteld. Dit is niet het meest mooie om aan te zien.

Tijdens ons verblijf zijn wij ondergebracht in “Emma’s guesthouse”. Dit is een soort backpakkers hotelletje. De matrassen zijn wederom erg hard en het douchewater is lauwwarm.  We hebben gegeten in “Emma’s Kitchen”. Deze is ongeveer 150m verderop gelegen. Alhier een spicy kundao chicken met een flesje bier genuttigd . Emma is een bezig bijtje die alles in de hand wil houden. Haar zoon helpt mee in de zaak. Hij neemt de bestellingen aan en Emma regelt de financiële transacties. Gedurende ons verblijf in Xiahe kwamen we 2 bikers tegen, vader en zoon. Deze zijn wij in Emma’s Kitchen weer tegengekomen.

18 mei

 

Met de bus richting het Huanglong park. Onderweg is de bus gestopt bij een uitkijkpunt. Deze is gelegen op de hoogste pas die we deze trip zullen passeren.

Op dezelfde route zijn we gestopt bij een modern/kunstig gebouw voor toeristische doeleinden. In het vrij toegankelijke gebouw is een beperkte tentoonstelling van inheemse gebruiksvoorwerpen/kleding. Verder zijn armbanden, kammen gemaakt van Yak hoorn etc. te koop.

Het Huanglong park is circa 7,5 km lang en 2,5 km breed, met een gemiddelde hoogte van 3550m. vanuit de lucht lijkt het Huanglong park op een gele draak die rond de heuvels en valleien kronkelt. Alhier zijn duizenden kleurrijke travertijn (kalksteen) vijvers, stromen en stalactiet grotten. Deze vormen de meest complete structuren in de meest unieke Karst landschap ter wereld. Het Huanglong park staat sinds 1992 op de wereld erfgoedlijst.( Dit is een vertaalde omschrijving van het park zoals deze bij de ingang is geplaatst).

Voor het naar boven gaan nog even een sanitaire stop. Gezien het gebrek aan water om de wc door te spoelen hebben de Chinezen weer iets aparts bedacht. In de wc pot zit een blauwe plastic zak. Deze wordt naderhand verwijdert en een nieuwe geplaatst. Toilet juffrouw, toch dan een beroep voor het leven?

De toegangsprijs bedraagt 200 Yuan. Het gebruik van de kabelbaan kost nog eens 80 yuan. Henk-Willem, Ellen, Ria T, Siska, Bert, Emmy, Wendy en ik gaan via een goed begaanbare houten pad/trap naar boven. Bij een gemiddelde hoogte van > 3,5 km is dit best vermoeiend.

We arriveren in het droge seizoen. Veel planten zijn nog dor en veel waterpartijen staan nog droog. Desondanks een mooi park. Onder het lopen zijn verschillende minerale afzettingen te zien. De poelen, gevuld met water, hebben prachtige kleuren. Het valt op dat we op een enkele Chinees na, alleen naar boven lopen. Bijna alle andere Chinese toeristen nemen de kabelbaan. Onderweg naar boven zijn veel houten plateaus aangebracht. Verder is bij enkele rustpunten de mogelijkheid om zuurstoftanks te kopen om op deze hoogte weer op adem te komen. Een aardig commercieel idee, met weinig praktische voordelen. Tevens veel Wifi punten. Meteen een aantal foto’s naar huis geappt.

Gedurende de wandeling blijven we een grote besneeuwde bergtop (Xuebaoding, 雪宝顶 )zien. Deze domineert met zijn 5588 meter hoogte het vergezicht.

 Op circa 2/3 deel van de route komen we een restaurant tegen. I.v.m. een regen/sneeuw bui zijn we hier gaan schuilen. Tevens wordt de gelegenheid genomen om een hapje te eten. Naast het restaurant ligt een Bön klooster. De volgelingen van de Bön geloven dat hun religie in vroeger tijden in veel delen van de wereld werd uitgedragen en beoefend.

Dit geloof heet dan ook yungdrung Bön, de eeuwige bön. Het historische zelfbeeld is dat de Bön vele eeuwen voordat het boeddhisme in Tibet werd geïntroduceerd daar de bescherming genoot van de koningen, tot de Bön verdrongen werd door de valse religie, waarmee het Tibetaans boeddhisme wordt aangeduid. Op dit klooster staan swastika’s , een typisch verschijnsel uit de yungdrung Bön. Na de sneeuwbui weer verder gelopen.

We komen nu bij een Taoïstische tempel. Deze heeft een 600 jarige geschiedenis en is gelegen voor de “5 color” pond.

Deze vijvers liggen op een hoogte van 3576m en is de hoogst gelegen groep van kleurrijke, kalkstenen vijvers. Het aantal bedraagt 693 kleine vijvers en bedekken meer dan 21000 vierkante meter aan oppervlakte. Na het zien van de “5 color pond” is het goed voor te stellen hoe het park tijdens het natte seizoen uitziet.

Op de terugweg zijn we over het vaste pad gelopen. Hier komen we maar enkele mensen tegen. De Chinezen prefereren de route over de houten trappen en vlonders. Om ons heen staan en liggen veel dennenbomen. Deze zijn frequent begroeit met baardmossen. Veel volwassenen kleden zich kinderachtig. Shirts en petjes van Walt Disney. Daarentegen lopen ook verschillende mensen met mooie traditionele kleding. Dit zijn meestal ouderen. De Chinezen nemen liever de gemakkelijke route. Dat wil zeggen de kabelbaan. Als ze boven zijn lopen zij graag in groepen en het liefst naast elkaar.

Bij de uitgang zijn Erwin en ik op zoek gegaan naar Agna en de andere dames. Hierbij zijn we in een Expo ruimte terechtgekomen. Hier even rondgekeken en een aantal foto’s genomen. Daarna naar de bus gelopen. De dames waren reeds aanwezig.

Met de bus terug naar Emma’s place. Aldaar gegeten. Wendy, Emmy en Erwin voor een massage. Ik twijfel. Uiteindelijk na hun terugkomst toch voor een voetmassage gegaan. Eerst ga je met je voeten in een emmer met warm water. Hier wordt een substantie toegevoegd die ik kan omschrijven als een soort korrelige drab. Dit waterbad is maar goed ook. Na een hele dag wandelen zijn mijn voeten niet erg fris meer! Terwijl de voeten weken wordt je nek en schouders gemasseerd.

Hierna worden je voeten en onderbenen gemasseerd terwijl je zelf een beker thee aangeboden krijgt. Ondertussen kun je de posters op de muren bekijken. Deze zijn anatomische weergaven van het menselijk lichaam. Verder zijn nog veel kleine snuisterijen te bekijken.

Naast mij krijgt een dame een massage, manuele therapie en uiteindelijk “cupping”.  Cupping is een eeuwenoude alternatieve geneeswijze die zijn oorsprong vindt in de traditionele Chinese geneeskunde. Het idee is dat je zo de doorbloeding stimuleert en spieren en bindweefsel los masseert. Het zou tevens effect hebben op de meridianen, banen in het lichaam waar volgens de leer van de accupunctuur energie doorheen stroomt.

Ik vond het wel gênant dat opeens het boven lichaam van deze dame zichtbaar was. Chinezen hebben hier geen last van. De uiteindelijke kosten bedroegen 88 Yuan.

19 mei

 

We vertrekken met de bus richting Chengdu (530 m). Dit is het laatste stuk waar onze chauffeur Kapu met ons meerijdt. Deze reis zal ongeveer 9 uur in beslag nemen. We hebben dus tijd genoeg om onderweg te kletsen, of misschien wel een uurtje slaap inhalen. Dit was deze nacht niet echt gelukt.

Tijdens deze reis komen we boven aan een pas uit, vanwaar we alleen nog gaan afdalen. (3840-530= 3310m dalen). Gedurende de reis zien we fantastisch ruige, besneeuwde bergtoppen. Onderweg nog gestopt bij een van de velen rustplaatsen. Alhier een noedels soep gegeten. Ik zal maar niet uitweiden over de hygiëne aldaar. Tijdens de afdaling vind ik het lekker rustig worden. De bus maakt minder lawaai en de reisgenoten lijken ook onderling minder te converseren. Nadat Wendy met mij begint te praten weet ik ook waarom het zo rustig is. Door de afdaling en het drukverschil zat mijn tubus auditiva dicht. Slikken gaf geen verlichting, geeuwen wel.

 

Chengdu (成都): is de hoofdstad van de Chinese provincie Sichuan met circa 4,5 miljoen inwoners. Het is een stad met veel verschillende gezichten. Kapu onze chauffeur vanaf Lanzhou neemt vlug afscheid. Hij heeft nog een lange reis voor de boeg. Ik schat zeker een 8 a 900 km om terug naar huis te gaan. Hij kan wel nu gerust zijn dat de veiligheidsgordels van de passagiers in orde zijn. Dit was onderweg bij sommigen van ons reisgezelschap niet altijd het geval.

We verblijven in het Chengdu Taiji Bussines hotel. Een modern hotel met veel extra’s op de kamer. Deze zijn tegen meerprijs te verkrijgen. Eten bij een lokaal tentje. Jean heeft de keuken al geïnspecteerd en voor ok bevonden. Het bestellen gaat moeizaam. Sommigen van ons krijgen net het gerecht dat we niet besteld hebben. Cola is hier niet te verkrijgen. Dit is geen probleem. De dame uit het naastgelegen restaurantje komt ons de Cola brengen a 3 Yuan per blikje. Het eten zelf is goed en kost 9 Yuan per persoon. Tijdens het eten maakt de eigenaar een foto van ons gezelschap. Volgens mij om te laten zien dat zijn etablissement ook door buitenlanders bezocht wordt.

20 mei

 

’s Morgens vroeg op om de Panda’s te bezoeken. We houden taxi’s aan met de vraag of ze ons voor 30 Yuan naar het park brengen. Dat lukt dus. Hiermee kunnen de chauffeurs wat zwart geld verdienen. Een taxirit is een avontuur op zich Het rode licht wordt zeer regelmatig genegeerd. Voorrang verlenen? Dit is niet hun sterkste punt. Een maximum snelheid? Niet nodig de auto kan veel sneller rijden. Naast ons staat een motorrijder. Op de buddyseat is een metalen pen bevestigt. Hier zijn twee delen van een rund “geprikt”. En zo rijden ze dan over de autobaan.

Aangekomen bij het Panda Research Centrum. We betalen de taxichauffeur en gaan naar de kassa. We zijn vroeg vertrokken om zo de grote groep Chinese toeristen voor te blijven.

Jan mag, als 70 plusser, gratis naar binnen. Vanaf de ingang kun je binnen 5 a 10 minuten bij de panda’s lopen. Je kunt ook met een elektro-wagentje gebracht worden. Veel Chinezen blijven rustig een uur wachten om dan in een aantal minuten op de plaats van bestemming gebracht te worden. Panda’s leven gescheiden in groepen van gelijke leeftijdsklassen. De activiteiten van de panda’s: Eten en daarna lui liggen slapen. Rode panda’s zijn wel actief, maar ook moeilijk om te fotograferen. De Pauwen pronken met hun prachtige staartveren. Een tiental Chinezen rennen achter deze vogels aan om deze te kunnen filmen of fotograferen. In de ochtend zijn alle dieren goed te bezichtigen. Vanaf circa 10:30 uur begint de invasie van Chinezen.

Aan het begin meegelopen met Jean, Hedy, Ria Wendy, Agna en Erwin. Even gezellig een terrasje gepikt. Op een gegeven moment alleen op pad gegaan. De dames vonden het zeer gezellig maar liepen voor geen meter. (Mea Culpa voor de laatste opmerking)

Onder weg Henk-Willem met zijn vrouw en Emmy tegengekomen. Met hun nog meegelopen. Hierbij nog een leuk film kunnen maken van een schransende panda. Ik moet zeggen dat Henk-Willem en zijn vrouw leuk met kinderen kunnen om gaan. Dit is me al meerdere keren opgevallen.

Nog een half uurtje rondgewandeld en om 12 uur volgens afspraak terug naar de ingang.

Hier wachten tot de groep compleet is. Bert en Sandra zijn niet op tijd, maar we weten al dat ze niet meegaan naar de volgende bestemming. We houden weer een aantal taxi’s, volgens voorgaand beschreven recept, staande en gaan we naar de Wenshu tempel. De kloostertuin is een oase van rust. Je kunt hier in alle kalmte genieten van je Jasmijn thee. Hier is niemand die je opjaagt. Alhier komen we Emmy tegen. Deze is niet naar het Pandapark geweest en geniet een kop thee en een boek. Op een tafel ligt een allegaartje aan kruiden. Deze zijn te koop door een geldbedrag in een koker te stoppen. Geen kassière noodzakelijk.

 

In de tuin loopt een man met een rood shirt rond. Deze rinkelt met een belletje. Een jonge dame laat weten dat ze van zijn diensten gebruik wil maken. Het schijnt dat deze, tegen een vergoeding, je oren van binnen reinigt.

Erwin, Jan, Jean, Wendy en ik zijn binnen gaan eten.Dit is een doorlopend buffet met alles vegetarische producten . Je betaalt 35 Yuan. In principe mag je zo vaak als je nodig acht het bord vullen en aan het einde van de maaltijd laat je aan de kassa het bonnetje, incl. leeg bord, zien voordat je weer 5 Yuan restitutie krijgt.

Tijdens het eten zie ik door het raam een bruggetje. Het gaat hier om een kleine tuin. Hier is een vijver met goudvissen waarover een brug is geplaats. Een rotspartij met een waterval. Van hieruit kun je naar een ander gebouw lopen. Aldaar is men bezig met kaligrafie oefeningen. Mooie beeldjes staan her en der tentoongesteld. Achter dit 2de gebouwtje staan een aantal urnen. Bij nadere inspectie door Erwin blijken dit aardewerken fermenteer potten te zijn. (zoals we hier zuurkool maken). Na nog een korte periode rond te hebben gekeken worden we beleefd, maar met enige overtuiging/dwang, weer naar de uitgang geloodst. We lopen verder de kloostertuin in.

We lopen langs een slanke toren (een soort pagode). Hiervoor staat een gedenkteken met honderden kaarsjes. Deze is geflankeerd door 2 olifanten met 3 paar slagtanden, een wereldbol op de rug en een persoon onder de buik verscholen. Midden in een rechthoekige vijver staat een ronde boog, zoals je normaliter aan de ingang van een tuin kunt zien. Er is een mini “stenen woud” aangelegd.

Verder op is een plein met verschillende Boeddha beelden met hun beschermers. Tegenover deze beelden is een souvenirwinkel met mooie beelden. We lopen verder naar een binnenplaats. Hier is een badmintonveld en een pingpongtafel geplaatst. In een ruimte zijn veel met name vrouwen en monniken aanwezig. Deze beginnen op een gegeven moment in de ruimte rond het Boeddhabeeld te dansen. Richting uitgang lopen we langs een gebouw waar een lezing van een “bigshot”, uitspraak van onze gids in Beijing David, word voorbereidt .

Samen met Erwin en Wendy zijn we te voet terug naar het hotel gelopen. Ik ben blij dat hij een goed richtingsgevoel heeft. Ook al is dit de enige keer dat hij de coördinaten van het hotel niet heeft ingevoerd. Tijdens de wandeling zien we onder andere het aartsconservatieve in vergelijking van het ultramoderne China. Een auto repair shop voor de deur op een “geprivatiseerd” stukje parkeerplaats.

Een slagerij op straat, zonder enige hygiëne maatregelen. Veel inheemse restaurantjes die niet berekend zijn op buitenlandse gasten. Daarentegen ook KFC en McDonalds. Onderweg lopen we door een park. Hier speelt een orkest en een dame begint met zingen. Het aantal toeschouwers is behoorlijk. Omtrent de zang kwaliteiten is ruimte voor discussie. Iets verderop zijn muzikanten met inheemse instrumenten aan het oefenen. Na een stevige wandeling en een interessante blik op het dagelijks leven in Chengdu zijn we terug in het hotel. Erwin gaat naar Agna die veel last heeft van een luchtweginfectie en Wendy gaat naar KFC’s om een kop koffie te drinken en aantekeningen te maken voor ons volgende verblijf.

21 mei

 

De planning voor vandaag was: Naar het park van het volk. Aldaar staat het grootste Mao beeld in China. Daarna naar het vliegveld, richting Shangri La.

Verandering van plan. Agna voelt zich dusdanig ziek dat ze een bezoek aan de eerste hulp van het ziekenhuis gaat afleggen. Ik heb gevraagd of ik ze begeleiden kan/mag. Een tolk en onze reisbegeleidster gaan mee. Met de taxi naar het eerste ziekenhuis. Onze tolk begeleidt ons naar de SEH. Hier heerst een enorme drukte. Zeker een paar honderd mensen lopen rond. In een rolstoel zit een naar adem snakkende oudere heer. Zijn zuurstofcilinder is leeg. Een bed wordt met spoed richting resuscitatie afdeling geduwd. Een patiënt met een SVT van circa 200/min, hypotensief en reeds geintubeerd. Bewapende ordehandhavers met een megafoon voor de mond. M.a.w. een mierenhoop. Bij navraag door de tolk bedroeg de wachttijd meerdere uren. Gezien ons vluchtschema ging dit te lang duren.

Op naar het volgende hospitaal. Eerst betalen en daarna bij een arts op de SEH. Hij ausculteert en laat weten niets bijzonders te horen. Bij de vraag of een reis naar een hoogte van circa 3500m problemen op levert, geeft hij als antwoordt dat dit niet het geval is. Ik laat de tolk vragen voor een X-thorax. Geen probleem. Eerst betalen en dan naar een ander gebouw voor de foto. Agna is meteen aan de beurt aangezien zij de enige op de röntgenafdeling is. We krijgen de foto in een enveloppe en gaan terug. Ik bekijk de foto en zie een consolidatie in de rechter onderkwab. Terug bij de arts krijgen we te horen dat er geen problemen zijn. Ik wijs hem de plek op de foto aan en laat de tolk zeggen dat we bezorgd zijn. Wederom als antwoordt: “geen problemen”. Ik noem de woorden “pneumonia” en “inflamation”. De arts verstaat dit drommels goed. Hij belt twee maal en een andere arts komt binnen. Hij beoordeelt de foto en zie: een longontsteking en een negatief reisadvies naar Shangri La. Agna krijgt een breedspectrum antibiotica voorgeschreven. Nu weer eerst betalen en dan naar de apotheek. Totaalkosten van dit ziekenhuisbezoek = 45 Yuan (5.85 euro). De tolk kost 300 Yuan. Maar deze laatste was haar geld dubbel en dwars waard. Dit is een uitgebreide beschrijving. Noem het maar een beroepsafwijking. Dit gebeuren in het ziekenhuis is zeker zo leerzaam als het beeld van Mao. (ps. Chinezen kennen het woord “privacy” niet.)

Terug naar het hotel. We hebben nog maar een korte tijd voor dat we naar het vliegveld vertrekken. Dus nog even eten voor we gaan. Dit wordt de tweede maal dat ik ga vliegen. We zijn betrekkelijk vroeg op het vliegveld. De tickets ophalen, bagage inchecken. Daarna voor een beeldscherm wachten. Als binnen 3 minuten je naam verschijnt dan wordt je bagage aan een nader onderzoek onderworpen. Maar 2 medepassagiers worden opgeroepen. Namelijk Jan en Sandra. Wendy heeft problemen met haar boeking. Schijnbaar zijn haar initialen anders genoteerd. Het oplossen neemt enige tijd in beslag.

Door naar de security check. Dit verloopt vlot. We vertrekken met een Boeiing 737. Een relatief klein vliegtuig. Het is een korte vlucht waarbij we een kleine maaltijd aangeboden krijgen. Deze bestaat uit een: zoet broodje, koekje, zakje met pittige erwtjes en een flesje water. Alle elektronische apparatuur moet van het vliegtuigpersoneel uitgeschakeld worden. Bij het arriveren zijn de luchten schitterend. Lichtblauw afwisselend met donkere kleuren. Een zonneschijn die past bij de naam Shangri la. Geen foto’s mogelijk. Mijn telefoon staat uit .

Shangri La (香格里拉县). Deze stad heet in principe Zhongdian. Dit is in 2001 veranderd in de huidige naam. Shangri-La is de naam van het aardse paradijs uit het boek Lost Horizon, dat in 1933 geschreven is door de Engelse romanschrijver James Hilton. Het verhaal van Shangri-La is gebaseerd op het idee van Shambhala, een mystieke stad volgens Tibetaans-boeddhistische traditie.

Bij de landing volgt een snelle afhandeling van de bagage en mijn eerste indruk als ik buiten kom is overweldigend. De weg naar de stad zelf is een grote bouwput. Je kunt de toekomstige grandeur reeds onderkennen. Ik begrijp alleen niet waarom de Chinezen alle bouw en werkzaamheden tegelijk beginnen. Het Moonlight City hotel heeft zoals gebruikelijk een prachtige façade. Een grote aankomst hal met een aantal mooie houtsnijwerken. Ik heb een eenpersoonskamer. Ziet er goed uit en over de bedden schrijf ik al niet meer.

We gaan eten bij de “Three Brothers” Een mooie eetgelegenheid, met houten tafelbladen van 10 a 15 cm dik. Een gastvriendelijke en goed Engels sprekende gastvrouw. Zowel Chinees als Europese dis. Jan bestelt verschillende gerechte waaronder een soepje. Dit is echter genoeg voor meerdere personen.

We lopen door de stad. Ook hier is een aantal jaar geleden een grote brand uitgebroken. De huizen en winkels worden opnieuw, in oude voorgeschreven stijl, herbouwd.

22 mei

 

We gaan met de taxi, in ons geval een particulier met een luxe Audi, naar het Songzanlin klooster. De gids, Sonam, heeft ons kaartjes (100 Yuan)met korting bezorgd. Vanaf de ticketoffice is bus vervoer naar het klooster mogelijk. Na enig zoeken en miscommunicatie is dit gelukt.

In de eerst ruimte is een jonge man met een groot litteken op het hoofd aanwezig. Deze monnik beheert de dagelijkse gang van zaken. Ik ben vergeten mijn pet af te nemen. Ik wordt snel hierop geattendeerd. Zoals verwacht is het klooster prachtig. Verscheidene Boeddha beelden naast elkaar. Ieder beeld is 8 a 10 meter hoog. Souvenir winkels met dure Mala’s (gebedsarmbanden). Deze worden wel ter plekke door de verkopende monnik gezegend.

Wendy heeft een gesprek met een monnik. Deze heeft ooit in ballingschap heeft geleefd. Deze monnik maakt zich zorgen over de veranderingen in de mentaliteit van de Tibetanen.

Bij de ingang van het klooster nemen we een korte pauze. Een aantal gaan terug naar de stad. Erwin, Wendy, Emmy en ik willen nog een wandeltocht maken langs het meertje voor het klooster. Voor ons lopen een aantal monniken. Deze dragen muziekinstrumenten met zich mee. Schijnbaar oefenen ze iedere dag langs de oever. Het verschil in bekwaamheid is goed te beluisteren. Maar ja: ”übung macht den meister”.

Onderweg worden we begeleidt door een aantal Yak kalveren. We lopen over een ponton in het water, Erwin en ik hebben deze eens flink laten bewegen. We naderen een stupa. Hier een wirwar aan gebedsvlaggetjes aanwezig. Vanuit hier, langs het klooster, naar de bushalte gelopen. Terug bij de ticketoffice toch maar gekozen voor een taxi aangezien de “vaste” buslijn op onregelmatige tijden vertrekt.

’s Middags lopen Hedy, Ria O, Jean, Agna, Erwin en ik door de Shangri La. We stoppen bij een terrasje om een kop koffie te drinken. Deze kan de eigenaar niet schenken. Hij verwijst ons door naar een ander adres.

 

(Foto door Hedy)

Hier gaan we binnen en worden naar de bovenverdieping geleidt. De aanwezige personen zijn lichtelijk zenuwachtig. Deze zaak is zo nieuw, dat wij de eerste gasten zijn. We doen onze bestelling en raken in gesprek met een goed Engels sprekende gastvrouw. Ze is van Tibetaanse afkomst en hebben na het herbouwen van dit pand een drietal zaakjes geopend. Een reisbureau, workshop voor handvaardigheid (Zoals leerbewerking), een café (met koffie). Alles gelegen in dezelfde ruimte. Ze is nieuwsgierig waar we vandaan komen en wat we gezien hebben. Veel van onze Chinese reisdoelen heeft ze zelf nog nooit gezien. Ze vertelt over haar ambities wat de toekomst betreft. Ze heeft het idee dat Westerlingen een financieel goed leven leiden en geen grote problemen kennen. Ons gezelschap is unaniem in het vertellen dat ook wij ook moeten sparen om deze reis te kunnen maken. Dat we ook prioriteiten aan onze financiële uitgaven moeten stellen. Ze is moeder van 1 kind en de 2de is op komst. We verblijven geruime tijd hier geruime tijd en spreken nog over een aantal verschillende onderwerpen.

 ’s Avonds gaan we weer eten in “Three Brothers”. De eigenaresse is zenuwachtig omdat we aan de vroege kant zijn. De kok (echtgenoot?) moet hun zoontje nog van school ophalen en zodoende kan hij nog niet koken. Dit vinden wij helemaal geen probleem.

We hebben een afspraak met de andere leden van onze reisgezelschap om samen hier te eten. Na het arriveren van de kok en ons gezelschap wordt lekker getafeld. We krijgen te horen dat om circa 19 uur op het plein, naast ons restaurant, gedanst gaat worden.

Op iets eerder dan de genoemde tijd begint op het plein muziek te spelen. Eerst dansen een aantal mensen rond het plein, om vervolgens steeds meer deelnemers te krijgen. Dit gebruik geeft m.i. de saamhorigheid van deze gemeenschap weer. Iets wat in onze Westerse maatschappij een onbekend fenomeen geworden is. Het dansen neemt zijn vervolg en iedere deelnemer kent de danspassen die bij de gespeelde muziek horen .Terug naar het hotel. De volgende dag vertrekken ons gezelschap naar de Tiger Leaping Gorge.

23 mei.

 

We worden per bus naar de ingang/ticketoffice van de Leaping gorge gebracht. Bij de ingang staat dat voor klantvriendelijkheid een AAAA status verstrekt is. Gezien het gedrag van de dame achter het loket had men rustig een AAAAA aftrek kunnen geven i.v.m. een gebrek aan service en de geroemde “klantvriendelijkheid”. Van de 17 personen gaan Ellen, Henk-Willem, Erwin, Bert, Ria T, Emmy, Wendy, Ikzelf en Sonam onze gids aan de trip beginnen. De overigen gaan met de bus en vervolgens per taxi naar het “Half Way Guest House”.

Het gedeelte naar het Naxi-gasthuis gaat over een geasfalteerde weg. De weg is steil en de zon begint al flink te branden. Aangekomen in het gasthuis, een appel-pannenkoek besteld. Deze pannenkoek heeft dezelfde samenstelling als een shoarma broodje. Na het bakken worden schijfjes appel hierop aangebracht. Dit is absoluut niet de pannenkoek die we gewend zijn, maar is beslist goed te eten.

We starten de wandeling van de 28 bochten. Aan het einde van deze klim, die start op 1900m hoogte, bereiken we een hoogte van 2860m. Vanaf het begin van de wandeling worden we gevolgd door een Naxi. Deze heeft 2 muildieren onder zijn hoede. Mocht iemand niet in staat zijn om de hele weg te lopen dan heeft deze persoon de mogelijkheid om zijn trip op de rug van een muildier te volbrengen. Ria maakt gebruik van deze service. En ik moet toegeven dat terwijl jezelf bezig bent aan de inspanning van het klimmen en je wordt door een muildier gepasseerd, de vermoeidheid lijkt toe te nemen.

Het pad loopt steeds stijl omhoog. Soms zijn de paden makkelijk begaanbaar soms, door de losse stenen, valt het tegen. Het is erg warm en veel drinken is op dit punt noodzakelijk. Halverwege(?) is een rustpunt. Ik merk dat ik, zoals gewoonlijk, te snel van start ben gegaan. Wendy krijgt al een bericht dat de overige reisgenoten reeds op de plaats van bestemming zijn. Wij moeten in wezen nog aan de wandeling van circa 7 uur beginnen.

Na dit rustpunt zijn een aantal werklieden bezig met het aanleggen van een verhard pad. De treden zijn vermoeiend en ik ben blij als deze voorbij zijn. Bij navraag vertelt Sonam dat dit pad normaliter bij regen glad is. Voor veiligheidsredenen wordt pad nu aangepast. De laatste lootjes wegen het zwaarst. Samen met de hitte, verkoudheid, hoogte kan ik zeggen dat de laatste ‘lootjes’ het zwaarst wegen. Hierdoor moet ik wel eens een korte rustpauze nemen.

Dit is de weg van de 28 bochten. Ik heb ze niet geteld, maar van mijn reisgenoten kreeg ik te horen dat aan het einde van de route een bordje met ‘28b’ stond. Boven aangekomen wordt ik door Erwin opgewacht. Bert is als eerste gearriveerd. Ria, op haar muildier, tel ik niet mee in de aankomst volgorde. Hier gewacht op de rest van de wandelaars.

Een pauze ingelast en een flesje cola gedronken. Erwin gaat foto’s van de omgeving nemen. De Naxi-dame maakt zich druk over het feit dat hij de entreeprijs van 20 Yuan niet betaald heeft. Deze moet je schijnbaar betalen om een bepaald gedeelte van het pad te mogen betreden.

Na de rustpauze begonnen aan het langste gedeelte van de wandeling. Deze is fysiek gezien wel het makkelijkste deel. Zoals bij bijna alle wandeling bestaat onze groep uit een kopgroep (Bert), achtervolgers (Erwin, Emmy en mezelf), peloton (Henk-Willem, Wendy, Ellen) en de bezemgroep. Sonam laat een foto zien van een vorige groep bestaande uit 40 personen. Deze liepen steeds samen. Dit gedurende de hele route. Hiermee wil hij aangeven dat ons gezelschap te versplinterd door het landschap loopt. Onderweg lopen een aantal jonge Chinezen dezelfde route. Deze nemen een aantal keren de verkeerde afslag en worden door onze gids weer op het juiste pad geleidt. Onderweg stoppen we even om van het uitzicht te genieten en een groepsfoto te maken. Onderweg nog een Nederlands echtpaar ontmoet. Deze maken via een reisbureau een op maat gemaakte reis door China. Sonam wijst een boom aan en vraagt wat voor besjes dat zijn. Ik weet het niet. Hij verpulvert een aantal tussen zijn vingers en laat ons daarna ruiken. Het zijn peperbolletjes.

Een van de Chinese jongens haalt een bolletje van de boom en bijt hierop. Dit geeft een amusant effect. Onder het wandelen laten we een beetje muziek horen. Mijn klassiek en Rammstein via Erwin. Sonam wordt er stil van. Ik vraag me af of hij aan het “genieten” was.

Na de wandeltocht aangekomen bij de “Half Way Guest House”. Onze reisgenoten zijn reeds geruime tijd hier aanwezig en hebben de omgeving verkend. Voor het eten wordt een vergadering belegd. Het overgrote deel van ons gezelschap wil niet via een geasfalteerde weg naar de bus lopen. Dit wordt niet als wandeling gezien. Resultaat na enig gedelibreer is besloten om met de taxi naar beneden te rijden en dat we eerder vertrekken om de overvloed van Chinese toeristen bij de Gorge te vermijden. Hierna een gezamenlijke maaltijd. Sonam is erg behulpzaam.

In de avond nog een aantal uurtjes op het terras gezeten. Vanaf dit punt zijn de bergketens tot ver aan de horizon te zien. Hierna Douchen en slapen. (Ik zeg nog steeds niets over de bedden). Om 1 uur hoor ik gestommel op de kamer. Jan is de weg naar het toilet kwijt. Het is ook stikdonker. Ik gebruik mijn GSM om enig licht op deze situatie te schijnen. De volgende malen gebruikt Jan zijn IPad als lichtbron.

24 mei

 

Met de taxi naar de wachtende bus. Ons was verteld dat dit een wandeltocht is van circa 40 minuten. Niet dus! Zelfs Bert, die een snelwandelaar is, zie ik dit niet in die tijdsduur volbrengen. Nu met de bus richting Jangtse rivier.

Vanaf de parkeerplaats zijn er honderden treden om naar beneden lopen. Na de eerste trap staan een groep dragers te wachten. Deze bieden aan om je in een draagstoel naar beneden te dragen. Ik heb de kleine man eens bekeken en gedacht: "Of je krijgt mij niet van de grond of we vallen allebei naar beneden." Geen optie voor mij dus.

De Tiger Leaping Gorge (虎跳峡)is een ongeveer 15 km lange kloof van de rivier de Jinsha Jiang in het noordwesten van de Chinese provincie Yunnan. De naam betekent "kloof van de sprong van de tijger" en komt voort uit een legende dat een tijger naar de overkant kan springen.

Onder bij de rivier staat een groot beeld die deze legende weergeeft. Het water kolkt wild door de smalle kloof. Gezien het feit dat we vroeg in het seizoen aanwezig zijn is de waterstand relatief laag. Desalniettemin raad ik een zwempartij niet aan. Na de bezichtiging van de kolkende rivier zijn Erwin en ik langzaam weer naar de trappen terug gelopen. Hoe dichter we bij de parkeerplaats komen, hoe meer Chinese toeristen naar beneden komen. Het is 10:30 uur. Deze toeloop van toeristen is precies door Wendy en Sonam voorspeld. Op het plateau onder de parkeerplaats komen we Hedy, Agna, Ria O en Jan weer tegen. Deze zijn niet tot aan de kloof gelopen. Jan heeft een nieuw hoofddeksel gekocht. Een western hoed met een Yak print erop(30 Yuan). Dit ter vervanging van zijn pet die hij in Songpan vergeten was.

We vertrekken met de bus naar Lijiang. Dit is een lange busrit. We verlaten deze provincie en moeten langs de bergketen over de rivier om Lijang te bereiken. Onderweg laten we Sonam uitstappen. Deze is aan het einde van de reis. Onderweg geeft hij uitleg over het gezegde “Tashi Deleg (བཀྲ་ཤིས་བདེ་ལེགས། )” . Dit betekent naar het Nederlands vertaald zoiets als veel geluk of mag het je goed gaan. Tijdens zijn afscheid ben ik als enige die hem “Tashi Deleg” toewenst. Ook al is hij uit de bus gestapt. Ik hoor hem nog “thank you” zeggen. Als ik Sonam moet beschrijven vind ik dat hij voldoende humor heeft. Is zeer behulpzaam, maar heeft enige moeite met de instelling van de Westerlingen. Wat hij als Tibetaan als vanzelfsprekend vindt, kan hij moeilijk met onze leefwijze vergelijken. Maar kort samengevat een fijne gids.

Na een lange reis onze aankomst in Lijiang (丽江).

Een belangrijk deel van de cultuur in Lijiang wordt gevormd door de Naxi-gemeenschap die hier woont. De vrouwen, die aan het hoofd van het huishouden staan, gaan gehuld in klederdracht, compleet met blauwe pet.

Het hotel ziet er prachtig uit. Een aantal mooie binnenplaatsjes met tevens een gebouwtje waar het personeel eet en slaapt. We krijgen een ticket waarmee we het recht hebben om de oude binnenstad te betreden. Deze zijn op voorhand reeds, op naam, besteld. Deze kosten 80 Yuan. We gaan de stad in om een hapje te eten en de omgeving te verkennen. We komen terecht in een zeer grote ruimte met massa’s aan verschillende gerechten. Losjes vertaalt lijkt dit het meeste op een Nederlandse Wok restaurant. Ik bestel een vleesrecept (30 Yuan) met veel groente en pepers. Je kunt dit wel pittig in het kwadraat noemen. De uien heb ik voor een gedeelte gegeten. Deze waren in overvloed aanwezig. Jan besteld een vis met een “kommetje” soep. M.a.w. zoals in Shangri la reeds gebeurd is. Veel te veel van het goede.

Na het eten door de stad gelopen. We zien een plein met een grote reclamezuil en houten watermolens. Een aantal mensen zijn bezig met Tai Chi oefeningen. We gaan naar de oude binnenstad. Aldaar moet ik mijn toegang ticket laten zien. Die is in orde. De rest van ons gezelschap mag rustig zonder gecontroleerd te worden doorlopen. We lopen langs winkeltjes met zilveren sieraden, kleding, kleine eetgelegenheden en workshops om het trommelspel te leren. We komen bij het wassen beelden museum. Hier is een koffieshop gelegen. De keuze is uitgebreid en hieruit bestel ik een coffee Americano. Deze wordt met veel zorgvuldigheid bereid en is lekker van smaak. Voor het wassen museum zit het beeld van Bill Gates op een stoel geduldig te wachten. Jean wil met hem op de foto. Hierbij heeft ze hem “onzedelijk” betast. Dit ontkent ze in alle toonsoorten. Onze conclusie, met fotobewijs, blijft ongewijzigd.

Na dit gebeuren lopen we verder door de nauwe straatjes. Ria O loopt een stukje terug om naar het toilet te gaan. Zij loopt met een Chinese vrouw mee. Deze loopt door zoveel straatjes en steegjes dat Ria de terugweg niet meer vindt. We hebben een poosje gewacht en zijn gedeeltelijk de route teruggelopen. Uiteindelijk is ze door de politie terug naar het hotel gebracht. s’ Avonds zijn Agna, Erwin, Jean en ikzelf naar de Pizza Hut gegaan. Na het eten terug naar het Jinhong hotel om aldaar nog een poosje op de binnenplaats te zitten.

Vroeg in de ochtend ontstaat in het hotel een hoop herrie door schreeuwende Chinezen en trommelgeroffel. In onze ogen is dit handelen onbeschoft. In Shanghai vertelt onze gids Dennis dat de Chinezen dit gedrag als “Renau” zien. T.z.t. uitleg hierover.

25 Mei

 We beginnen de dag met een ontbijt in hiernaast genoemde eethuis/café. Deze gelegenheid is geopend door een Europese dame. Het eten is goed. We lopen door de steegjes van de oude stad richting Wenshan tempel. Dit is een tempel voor de welvaart. Uitleg van Wendy. Wenshan is de mannelijke versie, Wenshu (Chengdu) is de vrouwelijke versie van deze tempel. We lopen een trap op naar een ruimte met een foto tentoonstelling uit de 20er jaren van de vorige eeuw. Dit zijn schitterende afbeeldingen van het dagelijkse leven van zowel arm als rijk. Het lijkt me schitterend om in die periode door het land te hebben gereisd en deze opnames te maken.

Vanaf de Wenshu tempel is het een mooi uitzicht over het oude stads gedeelte. Bij een zoektocht naar het toilet (alweer) komen we langs GSM antennes die in de steeg op hoofdhoogte hangen. Schijnbaar is hier geen wettelijke limitatie aan de afgegeven straling.

We lopen naar het Jade Spring Park (Yu Quan Gong Yuan). In dit park bevindt zich de Black Dragon Pool (黑龙潭). De toegang kost 80 yuan. Na enig overleg met handen en voeten blijkt het reeds in ons bezit zijnde ticket voldoende te zijn. Het park is aardig. Het beroemde aangezicht van de Jade Dragon Snow Mountain (玉龙雪山) waar een marmeren brug en Pagode voor ligt is door weersomstandigheden niet te zien.

Na de wandeling door het park gaan we richting wassen beelden museum en om aan de koffie behoefte van Wendy te voldoen naar de dezelfde shop als gisteren.

Onderweg hiernaar toe komen we een fotograaf tegen die met een fotoshoot bezig is. Hiervan dankbaar gebruik gemaakt om het model te “delen”. Wendy bestelt een Yuan-koffie. Deze ziet eruit alsof het slappe thee is. Hierover reclameert ze bij de bediening. Ze krijgt een nieuwe kop koffie aangeboden. Ook deze is niet naar smaak. Dan maar een koffie Americano. Bij het afrekenen telt de eigenaar maar 1 kop koffie. Dit is service te noemen. Tegen de avond zijn we op advies van Henk-Willem en zijn vrouw een jiānbǐng, een hartige pannenkoek met ei, groente, koriander en kip/pork . Deze is snel bereidt, goedkoop, en ook mobiel goed te eten. En niet te vergeten de smaak is ook goed.

26 mei

 

Dali ( 大理白族自治州 ) voorheen bekend als de stad Jumie (苴咩, Jūmiē) de voormalige hoofdstad van zowel het koninkrijk Nanzhao als het koninkrijk Dali. In 1253 werd hun de onafhankelijkheid ontnomen tijdens de Yuan Dynastie. Dali is van 1856 tot 1863 ook de uitvalsbasis van de Panthay rebellen. Dit waren Hui-moslims die in opstand kwamen tegen de Ming Dynastie.

Prominent aanwezig: De drie Pagodes van de Chongsheng Tempel zijn drie vrijstaande pagode tempels op ca. 1,5 km van Dali. De bouwwerken dateren van het Koninkrijk van Nanzhao en het Koninkrijk van Dali in de 9de en 10de eeuw. Deze pagodes zijn niet toegankelijk i.v.m. de slechte structurele staat na een reeks van aardbevingen.

Om toegang te krijgen tot de binnenstad moeten we een zeer brede en drukke straat oversteken. Het valt op dat het verkeersgedrag socialer is dan in de vorige steden. Hier wordt nauwelijks geclaxonneerd en de bereidheid om de verkeerslichten te volgen ligt veel hoger. Na het oversteken lopen we door de stadspoort.

In de binnenstad valt het op dat betrekkelijk veel mensen, vooral ouderen, in Klederdracht rondlopen. Ook hier is de stad vol van souvenirwinkels, restaurantjes, musea. Het middageten bestond uit een Yak meat burger met French fries + een Coca Cola.

Door de stad slenterend komen we bij een monument van Confucius. Zijn filosofische stelling: ‘Te weten wat men weet, en te weten wat men niet weet, dat is kennis.’ Confucius had een hekel aan chaos. Daarom stelde hij regels op voor orde en overzicht. Het opvolgen van deze riten leidt tot een beschaafde samenleving. Plezier is volgens hem maar van korte duur, geluk duurt langer. Wie volgens riten leeft, kan gelukkig worden.

Binnen de muren staat een open gebouw met een “gouden” beeld van Confucius. Het gebouw links hiervan is gevuld met afbeeldingen van wijze mannen. Wijze vrouwen waren niet te vinden. Rechts stond een houtenframe met houten wensplaatjes. En aan de hoeveelheid plaatjes te zien heeft de bevolking nogal wensen.

Verderop komen we bij een museum. Deze is gewijd aan de Bai minderheid. Op de begane grond is de ontwikkeling van dit volk omschreven.

Op de tweede verdieping is een tweede tentoonstelling De artefacten die hier geëtaleerd zijn afkomstig uit het graf van Han Zeng en zijn vrouw Wang Xiuying. Deze werden in 1960 opgegraven. Han Zeng erfde de rang van ondercommandant van het regiment van zijn grootvader Han Yi. Dit regiment was gedurende de Ming Dynastie in Dali gelegerd. De opgravingen bevatten 36 aardewerken figuren. Waarvan 11 krijgers, 9 bedienden, 12 dienaressen, 4 ruiters en 2 marmeren tabletten.

Het Shenhui hotel schijnt nog niet lang geopend te zijn. Bij de ingang verliest mijn trolley een wiel en de bijbehorende kogellager. Niet meer te repareren. Zoals gewoonlijk weer een mooi uiterlijk. Mooie galerijen en een grote eetzaal. Op de kamer bevinden zich de gebruikelijke licht schakelaars. Deze zijn maar gedeeltelijk aangesloten. De douche produceert koud/lauw water. Wendy heeft meerdere malen via google translate gereclameerd. Edwin is ook gaan reclameren. Hij heeft de dame achter de balie beloofd dat ze samen onder de koude douche gaan staan indien dit niet veranderd. De oplossing komt op dag 2.

Voor de nacht nog een speelfilm gekeken. Het is een heel gepuzzel om de Chinese afstandbediening te gebruiken. Van de 40 zenders zijn er zeker 5 die een film uitzenden over het historisch verleden en hoe slecht de Japanners zijn.

27 mei.

 

In eerste instantie is een fietstocht gepland. Dit kan niet doorgaan i.v.m. werkzaamheden in de stad. We worden met de taxi rondgereden. Onze gids is een Bai-dame met de naam Sally. We rijden langs de 3 pagodes en de gouden Phoenix (Garoeda) . Deze laatste werd door Sally omschreven als “golden chicken”. De Garoeda is een mythologisch wezen: deels mens, deels vogel.

We rijden naar een lokale traditionele markt. Alhier de volgende observaties:

1. Rommelig karakteristiek

2. Vlees wordt niet gekoeld en ligt in de zon op een tafel. Het stuk wat wenselijk is wordt aangewezen, afgesneden en daarna wordt over de prijs onderhandeld.

3. Moeder loopt over de markt met op een arm het kind en in de andere hand 2 levende kippen (middageten?)

4. Stalletjes met een ruim assortiment aan bonte specerijen en exotische geuren.

5. Iemand tikt op mijn schouder. Ik zie een glimlachende man die met een karretje voorbijkomt. Hierop staat een kooi met 4 biggen.

6. Een hondenmarkt. Hier zijn mooie honden maar ook verwaarloosde exemplaren te zien. Bij de vraag of ook hondenvlees op het menu stond, wordt door Sally verontwaardigt ontkend. “No eat dogs or cats”

7. Kraampjes met werktuigen, zaaigoed, bouwmaterialen.

8. Waterbakken gevuld met vis. Volgens Sally eten de Bai geen vissen die “gekleurd”zijn.

9. De mobiele kapper. Op dit moment wordt een heer helemaal kaal geschoren.

10. Een gedeelte met kleding. Commentaar van Sally “Not go is from Chinese”

11. Een gemotoriseerd karretje met geiten.

Op naar de volgende marktplaats deze bevindt zich op een binnenplaats. Deze markt bevat hoofdzakelijk vlees en groente. We vragen Sally hoe het zit met de verhouding tussen boeddhisme en vleesconsumptie. Op de ze vraag krijgen we een nuchter antwoordt: “We eat meat. Animal has soul, meat is meat”.

Erwin en ik zien komkommers met prominent aanwezige stekels. Even een aantal praktische gebruiksmogelijkheden bedacht.

Vervolgens hervatten we onze wandeltocht. We komen bij een antiekwinkel. Een Boeddha beeldje van 3 a 4 cm hoog kost 450 Yuan. Ria O slaat aan het onderhandelen. Ze kan de prijs afdingen tot 150 Yuan, maar besluit uiteindelijk niet tot aankoop over te gaan. Volgens mij zijn de prijzen in dit soort winkels zo overdreven dat toeristen niet snel tot aankoop overgaan. We gaan verder langs een aantal huizen. Door een poort is een sarcofaag te zien. Even verderop stopt Sally om uitleg te geven over de toegangspoort zoals gebruikelijk in Dali. Aan deze poort is de sociale status van een familie af te lezen. Het aantal treden voor de toegangspoort vertelt iets over de academische resultaten van de bewoner. Het is te hopen dat hij of zij later in hun leven niet verder leren. Dan kom je m.i. toch in de knoop met het aantal treden. Aan de versieringen is de financiële status van de familie af te leiden. Op veel poorten zijn spreuken en/of beschermdemonen afgebeeld. Dit om het kwaad buiten de deur te houden.

We lopen door naar de “Happy Embroidery school”. Hier wordt les gegeven in het maken van borduurwerk, maar dan op Bai stijl. De dames krijgen uitleg. Zelf loop ik naar de exhibition ruimte om het eindresultaat te bekijken. Het maken van dit soort borduur werk wordt uitgedrukt in productie uren. Dit is mede een maat voor de kostprijs. Een kunstwerk kost in het top segment zo’n 57.000 Yuan (760 euro).

Sinds onze binnenkomst zit een Europese man op de binnenplaats een sigaret te roken. Dit is Gerard, afkomstig uit Utrecht, de echtgenoot van Sally. Deze gaat haar aflossen zodat ze naar huis kan gaan. Hier kan ze de maaltijd bereiden. We lopen met Gerard verder naar een aantal huizen met duidelijk Europese kenmerken. In de vorige eeuw zijn bouwvakkers uit dit gebied gaan werken in delen van Azië die onder bewind van o.a. Engelsen, Fransen, Portugezen stonden. Onder invloed van deze stijlen zijn hier een aantal huizen gebouwd. Voor dit huis staan 3 toeristenbusjes met Chinezen. Enkelen maken stiekem een foto van ons reisgezelschap. Nadat we naar hen gezwaaid hebben begint bijna iedere Chinees een foto van ons te maken. Even zijn we een soort “popsterren”.

Verderop staan 2 woningen uit de tweede helft van de 19e eeuw. Het eerste huis heeft 4 binnenplaatsen. Bij elke binnenplaats woonde een echtgenoot van de heer des huizes. Tijdens de culturele revolutie werd het huis onteigend. Nu wonen zo’n 5 gezinnen hier. De woning is compleet afgeleefd. Aan onderhoud doen de Chinezen niet. Wel is de verlopen pracht en praal nog te zien. Dit is een detail uit een deur reliëf. Deze is een van de weinige bijna intacte kunstvoorwerpen.

Het tweede gebouw is toeristisch ingericht. Allerlei kraampjes met souvenirs en prullaria. Tijdens onze aanwezigheid is een demonstratie van kaasbereiding bezig. Op de voorgevel staat geschreven: “here lived a general”. We gaan verder naar een marktplaats die door vrouwen in klederdracht bestiert wordt. Op deze markt staan enkele eeuwenoude bomen. Deze zijn ruim verstevigt met beton. Dit om de integriteit van de boom te waarborgen. Een van deze dames blijft ons volgen. Dit tot ongenoegen van Gerard. Uiteindelijk wordt ze afgeleid en raken we haar kwijt.

We zien nog een “Mao Porsche”. Maar deze krijg je in Nederland niet door de RDW keuring heen.

We gaan nog een Batik fabriekje/werkplaats bezoeken. We krijgen uitleg over het maken van Batik en dat onder genot van een kopje thee. De jong dame die uitleg geeft is duidelijk lichamelijk gehandicapt. Ze spreekt goed Engels. Gerard vertelt dat hij hier vaker komt en dat hij van mening is dat deze dame een aantrekkelijk gezicht heeft. Ook hier is een soort winkel aanwezig. Henk-Willem en Ellen onderhandelen over de prijs van een tafellaken. Ze komen niet tot overeenstemming met de verkoopster.

We gaan naar het huis van Gerard en Sally. Hier wordt het eten geserveerd. De moeder en zus van Sally hebben meegeholpen met het bereiden van de maaltijd. We zitten op lage bankjes aan een lage tafel. De moeder kookt rijst op een soort houtoven waar ketel op staat. Verschillende soorten groenten zijn beschikbaar. De sweet sauer pork smaakt zeer goed. Peter wil niet mee eten. Hij laat merken dat deze trip niet tot zijn favorieten hoort. Zijn humeur is niet al te best.

Het huis en de tuin zijn mooi en zeer Hollands onderhouden. Dit betekent ”non-Chinees”. Zoals ik al eerder schreef. Chinezen onderhouden geen gebouwen.

We gaan naar een klein Boeddhistische tempel. Hiervoor ligt een plein waar een fotoshoot plaats vindt. Een fotograaf doet zijn best om een bruidspaar te vereeuwigen. We blijven kijken en op een gegeven moment worden beide jonge mensen aangespoord om te zoenen (en dat in het Nederlands). Peter lijkt weer wat opgewekter. We gaan een tempel binnen. Deze is nog in de oorspronkelijke staat. Sally vertelt dat tijdens de culturele revolutie deze tempel als volkswinkel in gebruik genomen is . Hierdoor is deze aan de vernieling ontsnapt. We lopen naar een naastgelegen gebouwtje binnen. Dit is een tempel gewijd aan een lokale god. Schijnbaar zijn na eeuwen Boeddhisme de “oude” goden nog steeds actueel.

Vanaf hier gaan we naar her Erhai (洱海 )meer. Dit betekend letterlijk oor vormig meer. Deze is 40km lang en 8km breed. Gemiddelde diepte is 11 m. Hier wordt m.b.v. Aalscholvers gevist. Jammer genoeg is het vandaag mistig. Het uitzicht over het meer wordt hierdoor beperkt. Aan de oever ligt een “oude mannetjes” huis. Het oude stekje waar ze elkaar eerst ontmoeten voldeed, volgens de overheid, niet meer aan de huidige eisen.

De overheid heeft ook bepaalt dat gebouwen binnen de 50m grens van de oevers gesloopt moeten worden. In China is dit meteen absoluut. Het is niet mogelijk om allerlei bezwaarprocedures op te starten. Voor meerdere mensen dus “dikke pech”. Dit is ook het einde van onze trip. We worden met de taxi terug naar het hotel gebracht.   Daarna lopen we de binnenstad in. Wendy en Erwin laten zich masseren.

Agna, Jean en ik gaan voor een garra-rufabad. In dit bad zitten Kangal visjes. Dit zijn visjes die huidschilfers en dode huidcellen van de handen en voeten knabbelen. De Chinese dame naast me zit verbaasd te kijken hoe fanatiek mijn voeten door de visjes worden bewerkt. Ze vraagt of ik met haar op de foto wil. Ok, selfie nummer –tig wordt gemaakt. Bij haar drijven een aantal vissen op de rug. Ik heb haar vriendelijk gevraagd of ze haar voeten niet gewassen had. Zelf is ze afkomstig uit Shanghai. Haar Engelse taalvaardigheden zijn goed.

Na ons avontuur gaan we naar een soort van patisserie. Daar wachten we op Erwin en Wendy. Samen nog een kop koffie/thee gedronken en een aantal koeken gekocht. Dit voor de lange reis van morgen. We lopen gezamenlijk terug naar het hotel en eindelijk het water is heerlijk warm. Dus douchen en slapen .

28 mei

 

Vandaag met de bus van Dali naar Kunming. Deze reis gaat vijf uur duren. Vanaf Kunming met “Southern China” naar Guilin. Er zijn opnieuw problemen met de reserveringen. Het gaat hierbij om de dames. Weer initialen die niet corresponderen met de vliegtickets. Vanuit Guilin moeten we nog circa 1,5 uur met de bus naar Yangshuo.

Yangshuo (阳朔县) is voor Chinese begrippen een kleine toeristische stad ( circa 300.000 inwoners) omgeven door het Karst gebergte. Honderden miljoenen jaren geleden was deze streek bedekt door een zee bedding van kalksteen. Door aardverschuivingen ontstonden plateaus en valleien en werden honderden kalksteenformaties (Karst) gevormd. Nadat het gesteente circa 270 miljoen jaar geleden werd gevormd als afzetting in een ondiepe Koraalzee, werd het later door omhoogstuwende krachten in de vorm van een gebergte opgeheven tot het huidige niveau, waarna de erosie er vat op kreeg. Door regenwater dat langs de scheuren in het gesteente liep, ontstond het typische Karst landschap. De meeste bergen kleuren prachtig groen doordat ze bekleedt zijn met bomen en struikgewas.

Het is drukkend heet. Gezien we nu in “malariagebied” zijn wordt het zeer zeker tijd om de fles “Deet” uit de verpakking te halen. We gaan naar het New Century Hotel. Een comfortabel hotel met een goede airco. In de aankomsthal is het een kakofonie van geluiden. Het is onmogelijk om een normaal gesprek te voeren. Mijn humeur is hierdoor niet al te best. Even een pas op de plek maken, ik vind het zelf vervelend dat ik zo duidelijk uit mijn hum ben.

We gaan voor een eerste kennismaking een wandeling door het centrum maken. Zoals bij veel steden is dit centrum op het toerisme gericht. De hitte is prominent aanwezig. Het is mogelijk om een tentoonstelling binnen te gaan. Dit moet wel met een winterjas aan. De tentoonstelling bestaat uit ijssculpturen. In eerste instantie ben ik alleen op verkenning gegaan. Daarna met Agna, Erwin, Jean een Jiānbǐng gegeten. Het restant van ons gezelschap geeft de voorkeur aan een ander restaurantje. Ik wil voor Jean bestellen. Dit om vertraging en verwarring te voorkomen. Het kwaad is echter reeds geschiedt.

Nadat ze besteld en betaald heeft veranderd ze van mening. Ze wil hetzelfde als mijn bestelling. De Chinees schiet helemaal in de stress en ik maak dat ik weg kom. Tijdens het eten wordt Erwin door een wesp gestoken. Gezien zijn allergie is dit geen goed teken. We lopen vlug terug naar het hotel. De insteekopening zwelt niet. Dus een goed teken.

’s Avonds neemt de drukte toe. Er lopen zoveel Chinese toeristen door de straten dat een soort van verkeersinfarct ontstaat.

Dit schijnt veroorzaakt te worden door het Duanwu oftewel het Dragon Boat-festival.

Het Drakenboot festival wordt dit jaar gevierd op de vijfde dag van de vijfde maand in het Chinese jaar. Deze datum valt dit jaar op 30 Mei.

 

Drakenfeest Yangshuo (foto website)

 

 

Het is een traditionele vakantie die al meer dan 2000 jaar wordt gevierd. Het Drakenboot festival is opgedragen aan de oude Chinese dichter Qu Yuan die leefde van 240 – 278 v. Chr. Het festival vindt zijn oorsprong in het zuiden van China.

We maken kennis met Tao, onze gids. Daarna gaan we bij het hotel de fietsen voor de volgende dag uitzoeken. Mijn keus valt op een rode damesfiets met mandje. De mountainbikes zitten voor mij persoonlijk niet comfortabel. Het mandje is handig om eten en drinken te vervoeren.

Dit is een korte beschrijving van een lange reisdag. Ik heb nu best behoeft om te douchen en te rusten. Jan arriveert na het drinken van een koud biertje en dan welterusten.

29 mei

 

We ontbijten in de ”Europese sector” Het zit hier vol met Fransen, Russen en Nederlanders. De keuze is ruim voldoende. De naastgelegen ruimte is meer voor de lokale gerechten. Ik praat met Wendy over het arriveren in het hotel. Meteen even gepeild of mijn persoon niet te geïrriteerd overkwam.

We worden opgewacht door Tao. De oorspronkelijke gids is bezig met de formaliteiten i.v.m. een ziekenhuisopname van een deelnemer uit de vorige reisgroep. Tao bedrijft samen met haar man een boeren bedrijf. Ze zal ons onderweg nog veel vertellen over de akkerbouw en de gewassen die wij tegenkomen. Ze heeft 2 kinderen. Ze legt uit dat tijdens de periode van het “1 kind” politiek in China, de boeren 2 kinderen mochten hebben indien het eerste kind een meisje was. Voor opvolging van het bedrijf is een jongen wenselijk. Haar dochter heeft nu de leeftijd dat ze gaat studeren. Dit is een hele verandering voor de familie.

Tao wil zo veel mogelijk binnendoor rijden. Voordat we zover zijn is het in eerste instantie “spitsroeden” fietsen. Lopend over wegen in aanleg, fietsend over een zeer groot en druk kruispunt. De enige manier om deze over te steken is het motto: “fiets als de Chinezen”.

Op onze route zijn de fietspaden solide aangelegd. Henk-Willem legt uit waarom de stenen “klinkers” genoemd worden. Nu hij dit vertelt heeft hoor je inderdaad het specifieke geluid van deze stenen. Onderweg stopt Tao regelmatig om uitleg over de omgeving te geven. In deze tijdspanne kunnen we ook foto’s nemen. We rijden langs de rivier de “Li”. Het Karst gebergte is indrukwekkend mooi.

We zien onderweg:

 

1. Bamboebootje met een gondelier. Een vader en zoon zijn passagier. De kleine jongen heeft een waterspeeltje en probeert ons hiermee nat te spuiten.

2. Rijstvelden met zaaigoed (Seedlings).

3. Een waterbuffel in het veld. Deze worden volgens Tao steeds zeldzamer.

4. In de rivier liggen kleine “dammetjes” waar de mensen over heen lopen.

5. Bamboe watermolen

6. Een Hollandse windmolen

7. Dragonfly met de kleuren van Roda J.C.

8. Bruidspaar voor een foto shoot.

9. Langs de oevers staat veel riet. De stengels zijn arm dik groeien wel tot een hoogte van 15 a 20m.

We fietsen naar Yuèliàng Shān (月亮山), (Moon Hill). Dit is een toeristische attractie een aantal kilometer buiten de stad Yangshuo in de autonome regio Guangxi. De naam komt van de halfronde boog in de berg. Het gat is wat overgebleven van een kalksteengrot en is uitgesleten door water dat door de grot stroomde.

Onder bij de parkeerplaats staat een Engels/Chinees talig informatiebord. Het lezen van dit bord op zichzelf is al amusant. Dit i.v.m. taalfouten en misinformatie. We moeten circa 800 treden bewandelen om het hoogteverschil van circa 400m te overbruggen. Boven aangekomen worden we door een aantal oudere dames opgewacht. Deze verkopen gekoelde flesjes water. Indien je dit niet wenst dan gaan ze over op het verkopen van bier. Deze dames zijn op zijn zachts “hardnekkig” te noemen. Op een gegeven moment, en aan het einde van mijn geduld, heb ik gezegd dat ik Christen ben. Deze drinken geen bier! Niet dat ze mij verstaan, maar toch. We kunnen via een pad nog een stuk hoger klimmen. Hier komen we op een uitzichtplateau. Vanaf hier is de omgeving pas goed te aanschouwen.

Volgens Wendy zijn, sinds haar laatste bezoek, veel woningen in de vallei bijgebouwd.

Na de afdaling zijn we in de “Moon Hill guesthouse” gaan eten. Deze heeft een gezellige binnenplaats waar een dame, met de stem van een klok, de scepter zwaait. Naast ons zit een Chinees gezelschap. Na hun vertrek blijft een behoorlijk deel van het bestelde voedsel op de borden liggen. Op het binnenplein ligt een vijver. Een jonge man loopt daar naar toe. M.b.v. een netje wordt een vis gevangen. Deze gaat richting keuken. De maaltijd is gevarieerd en ik heb er lekker van gegeten.

Na de maaltijd fietsen we verder. Tao is haar fiets kwijt, maar vindt al snel een vervanging? Wendy vraagt Tao om weer de binnenwegen op te zoeken. Na een poosje komen we bij de “Camel Back mountain”. Hier stoppen we voor foto’s en bekijken een aantal paragliders.

Erwin en ik vertrekken iets later dan de rest. Gevolg: We zijn de groep in de wirwar van straatjes en wegen uit het oog verloren. We fietsen verschillende routes maar niemand meer te vinden. Na onderling overleg besluiten we om de weg naar Yangshuo te vragen. Na het tonen van ons hotelkaartje krijgen we de juiste richting aangewezen. We komen terecht op een soort van autoweg. Hier rijden vrachtauto’s, scooters, personenauto’s snel voorbij. Nu merk ik goed dat mijn fiets hiervoor niet gemaakt is. Ik trap me een ongeluk terwijl Erwin hier schijnbaar niets van merkt. In de stad aangekomen vragen we weer m.b.v. het hotelkaartje naar de juiste route. Detail: Vraag een groepje Chinezen de weg en er ontstaat een onderlinge discussie. Dit resulteert dan in twee richtingen die aangewezen worden! Na een uurtje zoeken vinden we het hotel. Dit dankzij de aanwijzingen van de “lokalen” maar zeer zeker ook door het vinden van de Chinese vlag en de uitkijk-pagode die op een berg voor het hotel staat. We zien ons fietsgroepje bij de verhuur stand staan.

 

Tao en Wendy waren bezorgd:

1. Tao was teruggefietst en had, bij navraag, van de lokale mensen te horen gekregen dat wij richting stad vertrokken waren.

2. Onze medereizigers waren van mening dat Wendy niet te bezorgd moest zijn. Erwin en ik zijn in staat zijn om de weg terug te vinden

3. Bij navraag aan de laatste fietser te horen kregen dat zij ons al een poos niet meer gezien had

4. Het pas laat duidelijk werd dat er “vermisten” waren. Dit was ontstaan doordat de wegen slecht waren en dat iedereen moest opletten om niet ten val te komen.

5. Dit was de eerste keer, in acht jaar, dat iemand van het reisgezelschap tijdens het fietsen “verloren” ging. Laat staan ook nog 2 personen tegelijk.

Ik heb me bij beide dames verontschuldigt. Het lag niet in de bedoeling om de weg kwijt te raken en daardoor ongerustheid bij hen te veroorzaken.

 

Na het douchen op weg naar de binnenstad. Daar een “Duitse” bar binnengegaan. De chef-kok is half Duits/Italiaans met een Beiers accent. Op de vraag of we hier de Duitse taal kunnen gebruiken antwoordt hij bevestigend. Nu moet ik zeggen dat de Chinezen nog slechter Duits spreken dan De Engelse taal. Honger heb ik niet echt dus ik beperk me tot een “Hofbrau” bier. Lekker koel en mild van smaak. Na ons verblijf nog een wandeling door de winkelstraten en terug naar het hotel. Een gedeelte van ons gezelschap gaat naar een uitvoering van een lichtshow. Deze wordt geregisseerd door Liu Sanjie. Deze heeft ook de opening van de Olympische spelen van Beijing (2008) op zijn naam staan. Deze show geeft een impressie over het leven rond de rivier, zoals de visvangst, natuur, folklore, liefde en de minderheden die hier leven. Er spelen 600 acteurs mee. Deze zijn voornamelijk gekleed in Huang, Miao en Yao klederdrachten.

30 mei

We vertrekken vroeg in de ochtend richting Li-rivier . Dit om de drukte van de Chinese toeristen te vermijden (Duanwu). Op de rivier liggen de bootjes in grote getalen te wachten. Na het tonen van de toegangstickets krijgen we een genummerd reddingvest. Schijnbaar is dit nummer gekoppeld aan een boot. Ik had even tijd nodig om dit te beseffen.

De tocht duurt circa 50 minuten. De motoren zijn luidruchtig en de bestuurder moet vaker uitwijken om geen andere scheepjes te raken. Bij terugkomst wordt mij een stok met twee aalscholvers op de schouder geschoven. Dit kost dan 10 Yuan. Ik heb via Tao laten weten dat dit niet gewenst is. Verder zal ik ook geen geld hiervoor betalen.

Vervolgens lopen we een stuk langs de Li- rivier. We komen bij een uitkijkpunt. Van hieruit is een gedeelte van het Karst gebergte te zien dat model staat voor het 20 Yuan biljet. We lopen door en gaan richting het restaurant waar we later op de dag gaan eten. Tijdens deze trip is een rolstoel geleend. Deze is voor Siska bedoeld. Zij heeft in Lijiang haar voet verzwikt.

We kunnen voor de maaltijd nog naar een uitkijkpunt klimmen. Tao beschrijft de route als zwaar en op sommige trajecten ook als moeilijk. Tijdens deze uitleg haken steeds meer mensen af. Uiteindelijk blijven Erwin, Emmy, Tao, Wendy en ik over om deze tocht te maken. Tijdens deze klim is het warm en vochtig. Het pad is stijl en ik moet regelmatig een rots vastpakken.

Voor ons een trapladder van circa 8 a 9 m hoog. De achtste tree is doorgeroest en met draad provisorisch gerepareerd. Deze trede dus vermijden. Boven is een uitkijk in de vorm van een kleine pagode.

Tao en Erwin geven aan dat we nog een stukje kunnen klimmen. In eerste instantie ben ik, i.v.m. het ontbreken van een pad, niet enthousiast. Tao komt mij halen. Hoe kan ik nu weigeren!? Het uitzicht is de moeite waard. In de pagode hadden wij de andere zijde van de berg en de splitsing van de rivier niet kunnen zien. Bij de afdaling van het eerste gedeelte kreeg ik een handje hulp met het plaatsen van mijn voeten. De afdaling verloopt vlot. Onderweg is het zo warm dat ik 5 a 6 keer mijn handdoek uitgewrongen heb. Hierbij ging het niet om druppels maar stroompjes zweet. Ik schat dat zeker 2 liter vocht verloren ben. Zelfs Tao transpireert. Dit was tijdens de beklimming van Moon Hill helemaal niet het geval. Terug in het restaurant gegeten. De aubergine was heerlijk. De meelballetjes met suiker waren ook heerlijk. Alleen waren deze wat moeilijker op het bord te krijgen.

Terug in het hotel is Jan nog op de kamer. Niet voor lang want hij moest snel op pad voor de kookcursus. Naderhand vertelde hij dat op de markt ook honden en katten vlees verkocht werd. Foto’s maken op deze markt was taboe. Degene die overdag niet mee konden fietsen hebben de keus gemaakt om een workshop kalligrafie te volgen. Verder waren de workshops Kung Fu en Taj Chi mogelijk.

Wat mij betreft, even douchen en een ORS oplossing drinken. Dit om de uitgezwete zouten weer te vervangen. Nog even de binnenstad in inlopen om nog even rond te kijken en een stel Chopsticks te kopen. Morgen gaan we naar het vliegveld van Guilin om vervolgens naar Shanghai te vliegen.

31 mei

 

We gaan met de bus naar Guilin Liang International Airport om aldaar met een toestel van “Eastern China” naar Shanghai te vliegen. Deze reis verloopt comfortabel en probleemloos.

We rijden circa 1 uur naar ons hotel dat vlak bij het centraal station gelegen is, het ”Holliday Inn Express-Zhabei” hotel. Dit is het grootste hotel tijdens ons verblijf in China. De kamers zijn comfortabel en het ontbijt (inbegrepen bij de prijs) geeft voldoende keus voor zowel Aziatisch als Europees getinte gerechten. In dit hotel een aantal malen een conversatie gehad met Amerikanen. Deze waren een week in deze stad en vonden het interessant dat onze groep deze reis met een uitgebreide diversiteit ondernam.

 

Shanghai (上海) (Hoog boven de zee) ontstond als een dorpje dat leefde van de visserij en de textielindustrie, maar door het Verdrag van Nanking dat in 1842 met het Verenigd Koninkrijk werd gesloten, groeide Shanghai uit tot een havenstad met wereldwijde verbindingen. Momenteel leven en wonen 23 miljoen mensen in deze stad.

Na onze bezigheden in het hotel vertrekken we naar de Bund. We gaan richting metrostation om aldaar een passe Partout kaart aan te schaffen. Bij navraag is dit niet mogelijk en worden we naar elders door verwezen. Erwin gaat poolshoogte nemen en wordt weer naar het beginpunt terug gestuurd. Het bekende kastje naar de muur principe. Het wordt dus een los kaartje om te beginnen. Met vereende inspanningen is de juiste keuze redelijk snel gemaakt. Op een tussenstation staat een info/service balie. Ik loop erop af en vraag aan de aanwezige dame of het mogelijk is om een meerdaagse kaart bij haar te kopen. Dit is mogelijk tegen een prijs van 45 Yuan. Nu is iedereen snel voorzien. Vanaf het metrostation is nog circa 10 minuten lopen naar de Bund.

 

De Bund (外滩) : is een gebied in het Huangpu-district in Shanghai en omvat een 1,5 km lange oeverpromenade. Oorspronkelijk maakte de Bund deel uit van de een Engelse handelsnederzetting, later de Internationale Concessie, en was gelegen net buiten de stadmuren van Shanghai. Het groeide uit tot een financieel- en handelscentrum.. Voor je de boulevard oploopt staat een beeld van Chen Yi, de eerste burgemeester van Shanghai . Dus niet Mao zoals veel van onze reisgroep denken. Het valt op dat de politie voor de afwisseling een poging onderneemt om het verkeersgedrag aan regels te leggen. Op de boulevard zijn veel mensen aanwezig en de hitte is drukkend. We lopen over de de promenade met uitzicht op Pudong.

Pudong (浦东): is een district van Shanghai. Sinds de ontwikkelingen die begonnen in 1990 is Pudong uit gegroeid tot een Chinees financieel en handelscentrum.

Alhier is de Oriëntal Pearl Tower (东方明珠塔 )goed zichtbaar. Deze toren is 468m hoog en is tussen 1991 en 1994 gebouwd. De toren omvat in het totaal 11 bollen: grote en kleine. De twee grootste bollen volgens de lengterichting van de toren hebben een doorsnede van 50 m (onderste) en 45 m (bovenste). De verbindende cilindervormige kolommen zijn elk 9m in doorsnede. De kleinste bol bovenaan de toren heeft een diameter van 14m. Verder valt de Shanghai Tower meteen in het oog. Het gebouw heeft een hoogte van 632 meter en telt 126 verdiepingen boven de grond en 5 verdiepingen onder de grond.

Op de terugweg gaan we eten. Vanaf de Bund naar het restaurant begint het licht te regenen. Gezien de broeierige warmte is dit een welkome afwisseling. Ria O neemt afscheid van ons. Ze vertrekt eerder i.v.m. een sterfgeval in de familie. Het restaurant is netjes geoutilleerd en ik vraag me al af of dit ook aan de prijzen te zien zal zijn. Ik bestel een pizza Calzone met een cola. De prijs valt reuze mee. Opmerking: mooi bestek. Laguiole, een Frans merk).

Na het eten gaan we weer richting metro. De hoeveelheid mensen die nog op de been zijn is behoorlijk. Bij aankomst op het dichtstbijzijnde metrostation t.o.v. ons hotel kunnen we niet meteen de weg vinden. Het treinstation vormt een flink obstakel. Na enig gezoek toch resultaat.

1 juni

 

Met de metro richting “French Consession”. Hier gaan wij een Nederlandse Gids ontmoeten die ons een rondleiding langs gaat geven. Deze voert langs platanen, monumentale gebouwen , volksbuurten en koloniale villa’s. Dennis woont in Shanghai en is getrouwd met een Koreaanse. Hij heeft sinds niet al te lange tijd een nieuw appartement met een bescheiden tuin. De Chinezen vinden het maar vreemd dat hij vaker in de tuin een boek leest. Buiten is het warm en binnen heb je tenminste een airco tot je beschikking.

We lopen door een volksbuurt. De mensen die hier wonen zijn gesommeerd om een andere woonruimte te zoeken. Deze buurt moet volgens de overheid gesloopt worden i.v.m. de afwezigheid van sanitaire voorzieningen. Wel bestaat een gemeenschappelijk badhuis, maar deze voldoet niet aan de overheidsnormen. Buiten voor de deur staan Emmers met een deksel erop. Dit is dan het “toilet”.

 

De straten staan vol me scooters en andere vervoersmiddelen. Over de straten heen zijn waslijnen gespannen. De natte was wordt m.b.v. een lange stok op de draden gehangen

 

 

Lopend door een in Europese stijl aangelegd park zien we mensen die bezig zijn met Tai Chi, Qinggong. Een oudere man die langdurig met de binnenkant van de hand een soort “oorvijgen” geeft dit schijnbaar om de doorbloeding te stimuleren. Verschillende groepen die bezig zijn met stijl dansen. De muziek van beide groepen spelen door elkaar en geven hierdoor een mengelmoes van ritmes. Op deze plek geef Dennis uitleg over “Renau” (fonetisch geschreven). Vrij vertaald betekend dit “gezelligheid”. Hij geeft als voorbeeld dat indien een groep Chinezen bij een hotel inchecken deze het eerst naar hun kamer lopen en de TV keihard aanzetten. Vervolgens gaan ze op bed zitten en roepen dan door het hotel naar hun medereizigers: “Waar ben jij”. Dat is gezelligheid. Dit is nu het type gedrag wat ons in Dali irriteerde, maar nu kan ik dit gedrag wel plaatsen.

Verder komen we langs koloniale villa’s. Deze oude huizen werden vroeger door 1 familie bewoont. Tegenwoordig wonen hier meerdere families. Hoeveel families? Dat is te zien aan het aantal brievenbussen en/of het aantal aansluitingen voor de elektriciteit. Onderweg komen wij op een kruising met aan elke zijde een bioscoopgebouw. Oorspronkelijk waren 3 bioscopen in dit stadsdeel aanwezig. Hiervan is nog een als zodanig in gebruik. De capaciteit bedraagt 2000 zitplaatsen. We lopen verder langs een villa waar vroeger een rijke Chinese familie gewoond heeft. Aan het hoofd van deze familie stond een dame die de opium handel controleerde. Aan de ingangspoort staat een riksja. Wij mogen dit pand volgens Dennis niet betreden. Aan de overkant staat een Russisch orthodoxe kerk. De Russische gemeenschap bestond uit circa 5000 mensen. Ze werden door de Chinezen geminacht . Dit i.v.m. hun ruwe manieren, slechte hygiëne en professionele bezigheden. De Russen werden ingehuurd als bewaker. Dit met name door de Opium handelaren.

Onderweg vraagt Dennis hoe ik de reis beleef. Mijn mening is dat China op accelererend tempo aan het veranderen is. Dat in veel dorpen en steden een leefwijze aan de mensen opgedrongen wordt. Vooral aan de minderheden. Nomaden die verplicht worden om in de stad te leven. Ze zijn en blijven nomaden. Het zal zeker nog enkele generaties duren voordat ze compleet geassimileerd zijn in de Chinese samenleving. Verder is het mijn mening dat vooruitgang in de ogen van de Chinezen, hun cultuur ook ondermijnd/verarmd. Later krijg ik van Wendy te horen dat hij de persoon in het rode T-shirt (Ik dus)op een speciale wijze naar de inwoners van China keek. Hij vond dit met zijn antropologische achtergrond wel een interessante manier van waarnemen.

Voor we verder lopen gaan we een kop koffie/thee drinken. Dennis weet wel een adresje. Het is een klein “cafeetje” waar een jonge man met zijn vrouw voor de bediening zorgen. Op de kaart staan veel keuzes maar uiteindelijk is het assortiment ietwat beperkter. Op een bord staat het password voor de Wifi geschreven. “Donoteatmydog”. Een humoristische verwijzing naar het al of niet consumeren van ons huisdier.

We gaan bij een hotel naar binnen. Dit was vroeger de “gentleman club” Hier mogen wij wel naar binnen. Hier lopen wij over marmeren vloeren, trappen met hoogpolig tapijt. We spieken in de oude balzaal met een prachtige lichtkoepel. We lopen langs een ruimte waar vroeger een zwembad gelegen had. En als hoogtepunt voor de dames een “Japans toilet”.

In onze ogen erg luxueus dus zeker in schril contrast met alle types van Chinese makelij. Na nog een korte tijd door de Concessie gelopen te hebben nemen we afscheid van Dennis.

’s Middags ga ik met Erwin, Agna en Jean richting Yuyuan garden (豫园 ).

De YuYuan-tuinen zijn in de 16e eeuw door een overheidsambtenaar( Pan Yunduan) aangelegd als buitenverblijf voor zijn ouders. De constructie van deze tuin heeft in de 16e eeuw plaatsgevonden. Tijdens de eerste opium oorlog ( 1839-1842) zijn grote delen van de tuin verwoest.

Eer we de tuinen bereiken lopen we door Yuyuan bazaar oftewel “Old town”(Nanshi) . Oorspronkelijk ontstaan als tempelcomplex voor de lokale god (Chenghuangmiao). Na het toenemen van het aantal pelgrims zijn een steeds groter aantal winkels ontstaan. We moeten over een stenen brug lopen. Deze is “gevuld” met fotograferende Chinezen. Bij de ingang stopt de stroom van Chinese toeristen zodat in de tuinen zelf een oase van rust is.

De tuin is een afwisseling van rotspartijen, vijvers, beplanting en gebouwen. Op de gebouwen staat een diversiteit aan beelden. Op de muur is een grote drakenhoofd aanwezig. Het lichaam van de draak loopt over de bovenkant van de muur. Dit park nodigt de mensen uit om rustig te gaan zitten en van de rust te genieten. De gebouwen zijn ingericht met stoelen en tafels. Uit de beschrijvingen is af te leiden dat deze gebruikt werden voor studie of uitvoering van muziekstukken.

Saillant detail: Je kunt ook vanuit de tuin over de muur kijken. Hier zie je dan het dagelijks leven van de doorsnede Chinese inwoner. ( Ik hoop dat het een vrouw is).

 

 

Na het verlaten van de garden word ik in de bazaar getrakteerd op een Magnum. Bij deze hitte smaakt deze heerlijk. Agna en Erwin willen het Rock café bezoeken. Hiervoor moeten ze naar het Jing An District. Om beiden een avond van privacy te gunnen neem Ik Jean op sleeptouw. Dus samen met de metro retour. Het is druk in het station. Ik vertel aan Jean na hoeveel haltes ze het treintoestel moet verlaten. Dit i.v.m. de mogelijkheid dat ik door de drukte niet in staat ben om op tijd in te stappen. Wetende dat ze bang is om te verdwalen ben ik wel ietwat gemeen om deze opmerking een aantal malen te herhalen.

‘s Avonds gaan we terug naar de Bund. Het is mooi helder weer. Het is de bedoeling om de verlichte gebouwen in al hun pracht en praal te zien. De Bund zelf is mooi verlicht. Dit gebeurt op een manier die bij de oude stijl van de gebouwen past. Vandaag is het aantal personen op de boulevard nog groter. Schijnbaar hebben deze hetzelfde als ons in petto. Genieten van het uitzicht.

Pudong daarentegen is vrolijk verlicht met een diversiteit aan kleuren. Op de Huangpu- rivier, die de Bund van Pudong scheidt, varen boten met helder blauw neonlicht. Reclame boodschappen zijn op de hoge gebouwen af te lezen. De meeste zijn in het Chinees, maar ook wordt je regelmatig in het Engels begroet met “Welcome to Shanghai”.

2 juni

 

Naar People's Square (Renmin Guang Chang) oftewel het volkspark. Deze ligt in het centrum van Shanghai aan het begin van Nanjing Road . Vanaf de metro is het even zoeken. We vragen bij een kiosk, bemand door vrijwilligers, naar de route. Behulpzaam zijn ze, maar de communicatie wil niet lukken. Uiteindelijk betreden wij het park. We krijgen een onthaal van een bedelaar. Deze is hardnekkig. Gelukkig kunnen wij sneller lopen dan degene met maar 1 Been.

Ook hier zijn mensen bezig met allerlei bezigheden. Een dame is bezig met Tai Chi. Wendy wil graag even pauzeren om toe te kijken. (Ze ziet er moe uit, bij navraag schijnbaar niet het geval). Tijdens het observeren staan we bij het “Museum of Contemporary Art Shanghai”. Deze gaan we niet bezoeken. Verderop in het park neemt een man zijn saxofoon uit het koffer. Hij begint te blazen en binnen enkele tonen weet ik waarom hij, van zijn vrouw, in het park moet spelen.

We horen geluiden die duiden op een demonstratie/oefening in martial arts. Uit interesse toch even poolshoogte nemen. Het park ligt naast een militaire kazerne. Deze zijn bezig met oefeningen, dus voor ons niets te zien.

Tijdens ons verblijf worden we een aantal malen benaderd door bedelende vrouwen. Deze willen ons aan de arm vastpakken. Ik heb hen duidelijk laten merken dat ik hier niet van gediend ben. Verderop komen we op een plek waar een behoorlijk aantal mannen bezig zijn met kaartspellen en Go. Hierbij wordt stevig gegokt (wat in principe verboden is). Vanuit het park is het interessant om de aangrenzende gebouwen te bekijken. Deze zij architectonisch bijzonder van aard en weerspiegelen de eenvoud van het park t.o.v. het moderne deel van de stad.

In het park zijn veel schoolkinderen aanwezig. Deze hebben wel interesse in een babbeltje. Ze spreken een aardig woordje Engels, zodat de interactie ook vlotjes verloopt. Op de foto zwaait Wendy naar de groep kinderen en deze beantwoorden dit enthousiast. Ze noemt deze foto dan ook “afscheid van Shanghai”.

Na het verlaten van het park lopen we een winkelcentrum binnen. Shanghai staat bekend om deze winkelcentra. Om het kort te beschrijven: Groot, luxueus, lekker koel, duur, en een “Starbucks”. Bij de laatste zijn Hedy, Wendy, Jan en ik een kop koffie gaan drinken. De keuze valt op een “pour over” koffie extra strong oftewel een koffie grootmoeders stijl. De ouderwetse manier om met de hand het hete water over de koffie in het filter te schenken. Dit is een tijdsintensieve methode maar resulteert in een smaakvolle kop koffie.

Het Urban Planning Exhibition Centre.

De Tentoonstelling Stadsplanning is een gebouw met 6 verdieping, een kelder met twee niveaus, die de stedelijke planning en ontwikkeling van Shanghai weergeeft. Er worden modellen tentoon gesteld van de geplande en recente ontwikkelingen, alsmede de geschiedenis van Shanghai. Bij binnenkomst speelt een audiovisuele presentatie over Shanghai.

Op de 2de verdieping zijn maquettes en foto’s te zien van het oude Shanghai . De onderstaande foto's zijn uit de jaren 20 van de vorige eeuw.

Nog een etage hoger is een maquette van Shanghai te zien. Pudong valt meteen in het oog. Deze maquette is vanaf een etage hoger nog overzichtelijker te zien.

We betreden een soort holodek (USS Enterprise?). Hier worden we m.b.v. een 3D film door Shanghai gevoerd. We vliegen over straten, gebouwen, rivieren. We zien de wereld tentoonstelling en Shanghai Pudong Airport. De beelden geven de indruk dat je alle bochten en dalingen/stijgingen meebeleefd. De effecten zijn zo goed dat je deze bewegingen ook fysiek lijkt mee te maken. Om het samen te vatten: Geweldig!

Onderweg komen we door een foto tentoonstelling/wedstrijd. De beelden zijn van over de hele wereld. Een aantal mooie foto’s uit Scandinavië. Op de bovenste verdieping is een restauratie gedeelte waar we even de gelegenheid genomen hebben om het uitzicht te bekijken.

Vanuit het museum gaan we bij een Sushibar naar binnen. Dit is voor mij, net als meerdere gelegenheden, een noviteit. Ieder gerecht op de lopende band kost 6 Yuan. Bij het afrekenen worden het aantal bakjes geteld. Ik kijk naast mij en Jan begint luid te hoesten en zijn hoofd loopt rood aan. In eerste instantie ging ik ervan uit dat hij geaspireerd had. Maar al snel blijkt hij zijn sushi in de pure wasabi gedoopt heeft. De kok ziet het gebeuren en begint te lachen. Hij denkt zeker het volgende: “nummer 10 van vandaag”. Hij adviseert Jan om thee te drinken. Dit geeft meteen een bevredigend resultaat zodat de rest van het maal in alle rust en smaak genuttigd kan worden.

’s Avonds gaan we met zijn allen (bijna dan) aan het laatste avondmaal beginnen. Het restaurant lig dicht in de buurt van de Bund. Het gebouw staat in de stijgers en oogt niet spectaculair. Het interieur daarentegen is dik in orde. We splitsen de groep aan twee tafels. Ons tafel inventariseert de wensen betreffende het eten. Wij bestellen dit en we eten gezamenlijk van ieder gerecht. Op het einde wordt de kostprijs door het aantal personen gedeeld. Het is een gezellige avond en ik besef dat de terugreis naar Nederland al snel volgt.

Om circa 21 uur merkt iemand op dat de metro vanaf 22 uur niet meer open is. Gezwind afrekenen en terug naar het station. Het is zoals gewoonlijk druk op straat. Ook in de metro zijn de mensen in grote getale aanwezig. Volgens mij wil iedereen voor sluitingstijd thuis zijn. De gang naar de metro uitgang waar wij dagelijks door heen wandelen is normaliter een drukke route die langs tientallen kleine winkeltje voert. Nu zijn deze gesloten en de vele geluiden van de aanwezige elektronica zijn afwezig

3 juni

 

Terug naar Nederland/België

Een aantal personen hebben besloten om met de Maglev naar Shanghai Pudong Airport te rijden. De magneetzweeftrein is een voertuig dat 10 - 20 millimeter boven een baan zweeft door middel van een magneetveld. De topsnelheid van deze trein bedraagt 430 km/u en zorgt ervoor dat het vliegveld in 7 minuten bereikt wordt. Het uitstappen en uitladen van de bagage geeft bij de chauffeur om het eufemistisch ui te drukken enige vorm van stress. Hij parkeert op een plek waar dit niet toegestaan is. Verdere details zijn niet noodzakelijk.

Degene die met de bus gaan zullen minimaal anderhalf uur onderweg zijn. Op het vliegveld gaan we door de gebruikelijke controles. Bij de ticketbalie komen de Maglev reizigers aan (7 minuten?). Ik neem snel afscheid van Agna en Erwin. Zij vliegen met een A380 van Lufthansa. Deze vertrekt echter via Terminal 2. De rest van het gezelschap met een Boeiing 777 van KLM.

De reis verloopt zonder problemen en comfortabeler doordat meer beenruimte aanwezig is en de zetel naast mij is onbezet. Bij aankomst staan we eerst een minuut of 20 in de rij te wachten voor de paspoortcontrole. Bert wijst erop dat deze ook via een onbemande doorgang kunnen laten scannen. We verlaten de rij en zijn binnen 2 minuten in de aankomsthal. De reis groep neem afscheid van elkaar en gaat ieder zijn weg. Door de douane en samen met Angelique en Xander op weg naar huis.

 

Einde van deze vakantie/ belevenis!

Bovenste rij:

Henk-Willem L, Marcel Bolk, Tibetaanse gids

Ellen V D, Bert W, Agna V, Wendy K, Erwin M

Sandra V, Lilly (Gids), Emmy Van Der T

Siska V, Hedy de H

Jan D, Ria T, Jeanne C

Ria O, Loes B

Peter De K staat niet op de foto.

Tips en tricks

 

- Vraag niet altijd welk eten geserveerd wordt. Eet en oordeel of je het lekker vindt.

- Al spreekt een inwoner van China de Engelse taal. Dit betekend niet dat zij hieraan dezelfde interpretatie geven als een Europeaan.

- Vraag nooit aan 1 persoon om de richting/weg. Je krijgt altijd een antwoord. Ook al is deze incorrect. Informeer bij meerdere personen en kies dan voor de     meerderheid.

- Als je taalkundig niet verder komt, wijs dan hetgeen aan wat je interesse wekt.

- Niets in dit land is "vreemd". Wij als bezoekers zijn dit wel

- (be)-Oordeel dit land en zijn inwoners niet naar onze westerse normen. IK in ieder geval besef dat niet alle gebeurtenissen/omstandigheden te begrijpen zijn. Dit door een gebrek aan kennis over deze verscheidenheid aan culturen. Dit is ook een van de aantrekkelijkheden van deze reis!

- China verandert in een accelererend tempo. Interesse in deze reis. Wacht dan niet te lang!

Maak jouw eigen website met JouwWeb